Smit Transformatoren
Spoelenmontage 1921
Willem Benjamin Smit (1860-1950)
Elektriciteitspionier en grondlegger van de Smit bedrijven in Nederland
Smit Draad
Vrouw aan de omspinmachine (1926)
Smit Elektroden
Laselektroden afdeling 1935
Smit Draad
Draadwals (1926)
Thomas Rosskopf
Excursieleider KIVI bij Smit Slikkerveer (1911)
Smit Transformatoren (1916)
4000 kVA transformator
Het vervoer van transformatoren d.m.v. paardentractie (Smit Transformatoren 1913-1915)
Dit duurde weken...
Thomas Rosskopf (1880-1953)
De oprichter van Smit Transformatoren, Draad, Weld en Ovens
Smit Draad (1921-1927)
Kijkje in de Draadfabriek
Professor Nolen (1938)
Beproeving oude gramme dynamo bij TU Delft
Smit Slikkerveer
Wereldtentoonstelling Brussel 1910
Hoogte Kadijk
Transformatoren (1936)
Smit Gas Generatoren
1965-1969
Smit Slikkerveer
Elektrische centrale Tandjong Priok (1895)
Transformatoren
Smit Slikkerveer 1912
Smit Slikkerveer
Generator 1500 kW (1913)
Smit Transformatoren
Montage in de bak van een 4000 kVA transformator (Amsterdam 1916)
Smit Ovens
Vervoer van een grote oven per slede (Groenestraat Nijmegen 1936)

Willem Benjamin SmitOp 26 juni 1882 was er een congres in een van de zalen van schouwburg de Junushoff in Wageningen. Op hetzelfde moment was daar ook de landbouwtentoonstelling. Voor deze gelegenheid had elektriciteitspionier Willem Benjamin Smit een tijdelijke elektrische verlichting aangelegd in en rondom de Junushoff. Dit was voor die tijd een unicum in Nederland en daarmee behoort men tot de theaters met de allereerste elektrische verlichting in Nederland. De Junushoff was een gebouw voor winter- en zomersociëteit, concerten, komedie, talrijke bijeenkomsten en openbare vermakelijkheden'. De oude schouwburg (1880) bevatte een kleine zaal, een concertzaal en een koffie- en biljartkamer en stond in het plantsoen aangelegd door Johan Junius. In 1882 had Willem Benjamin Smit zojuist zijn bedrijf opgericht en richtte zich hoofdzakelijk op het aanleggen van elektrische verlichting. Hij trok door Nederland met zijn zelf ontworpen "Elektriciteitsmachine" en had daar veel succes mee. De verlichting bij de Junushoff werd dan ook opgewekt door zijn zelf ontworpen locomobiel. Dit was een verplaatsbare vlampijpketel met daarbovenop een stoommachine die twee vliegwielen aandreef. Daaraan een dynamo (elektromotor) die vervolgens gekoppeld werd met een aantal booglampen en gloeilampen in een ringleiding die door Willem Smit zelf werden aangelegd. Dit was dus een tijdelijke elektrische verlichting. Vanaf 1886 begon Willem Smit met het aanleggen van de eerste elektrische straatverlichting (Nijmegen en Kinderdijk). Of hij deze ook heeft aangelegd in Wageningen is onbekend.

 alt

Bron: Provinciale Noordbrabantsche en 's-Hertogenbossche courant 29-06-1882 

 Booglamp

Links: een voorbeeld van een locomobiel zoals deze werden gebruikt bij het droogleggen van het Woudagemaal in 1917, Rechts een booglamp zoals deze in die tijd vaak gebruikt werden. De booglamp kenmerkte zich door het felle licht en was dus geschikt voor fabriekshallen, parken en openbare verlichting.

 

Links : Plantsoen sociëteit Junushoff, Weide van Duivendaal (1883). Rechts de stadsgracht bij Duivendaal met brug, Wilhelmina- fontein, Junushoff en muziekkoepel. Meer informatie over de geschiedenis van de Junushoff kun je HIER vinden. Bron: Archief Wageningen.

 

De Junusstraat met links de kegelbaan van de Junushoff (rond 1900). Bron: Archief Wageningen.

De oude schouwburg brandde in de nacht van 11 op 12 oktober 1948 tot de grond toe af. In 1951 werd op dezelfde plaats een nieuw theater gebouwd. De huidige Junushoff staat op de plek waar in 1948 de oude schouwburg afbrandde.

Theater Junushoff in Wageningen anno 2016.

Historische nieuwsflits

Transformator voor kerncentrale Dodewaard (1969)

Machine transformator Dodewaard (1969)

'' Ik weet bijna zeker dat dit de machine transformator van de kerncentrale in Dodewaard is. Dus een object met een kleurrijke (politieke) geschiedenis.
Het is niet erg waarschijnlijk dat dit de koppelnet transformator van Dodewaard is.Welliswaar dezelfde stations naam en ook een grote transformator, op de foto's heeft hij echter meer weg van een machine transformator.''

Erik de Vries

De foto's moeten dus dateren uit 1969 , in dat jaar is de kerncentrale in Dodewaard door Koningin Juliana officieel geopend. Heeft iemand nog meer informatie bij deze foto's dan is er de mogelijkheid helemaal onderaan deze pagina een reactie te geven. Hieronder nog een link naar de geschiedenis van de kerncentrale in Dodewaard:

http://www.kcd.nl/historie/index.html
koningin juliana bij opening centrale


Machine transformator Dodewaard

Machine transformator Dodewaard (1969)

Machine transformator Dodewaard (1969)

Machine transformator Dodewaard (1969)

Bron: Gelders archief

Klik hier voor een documentaire over Kerncentrale Dodewaard.

Schrijf reactie (1 Reacties)

50 kV station Lent - het prille begin van de ultra hoge spanning in Nederland (1922-1930)

In 1915 werd de Provinciale Gelderse Elektriciteits Maatschappij (PGEM) opgericht. Men wilde de elektriciteitsvoorziening door de Provinciale Overheid laten regelen, om de gebieden buiten het bereik van de weinige Gemeentelijke- en particulieren bedrijven ook van stroom te kunnen voorzien en om met een grote elektriciteitscentrale efficiënter energie te kunnen produceren. In die  tijd was reeds duidelijk dat Radiostation Kootwijk in de toekomst een van de grootste afnemers zou worden en daarom lag er in 1918 een voorstel om vanuit Nijmegen ( de grootste en later enige centrale in Gelderland) rechtstreeks een lijn naar het zendstation Kootwijk te leggen. In 1922 werd de eerste opzet van een Gelders hoogspanningsnet in gang gezet door een 50 kV lijn aan te leggen van Lent (bij Nijmegen) - Arnhem - Apeldoorn.  Het eindstation was toen het 50 kV station Apeldoorn Zuid. In de eerste jaren werd deze lijn nog bedreven met 10 kV lijn maar dit werd al gauw omgezet naar 50 kV.  In 1924 werd begonnen met de bouw van het 50 kV station in Lent, het eerste open lucht transformatoren-station van Nederland. Deze werd op 29-07-1925 officieel geopend. In 1930 volgde het 50 kV station Kootwijk. Deze leverde tevens stroom op 10 kV niveau aan de enkele omringende plaatsen.

10/50 kV station in Lent (1924) 

Het prille begin van de “ultra hoge spanning” , 50 kV.
Rond 1915 werd in Gelderland de stroom ingekocht van de centrales in Nijmegen, Arnhem en waarschijnlijk ook nog van de Elektriciteits-maatschappij Overveluwe te Ermelo, deze laatste had een gering vermogen en speelde niet echt mee in de totale elektriciteitsvoorziening. De energie werd getransporteerd op 10 kV niveau, meestal d.m.v. kabels. Een stad als Nijmegen had een 6 kV distributienet. De centrale in Nijmegen (toen nog aan de Waalkade) werd in 1921 overgedragen aan de Provinciale Geldersche Electriciteits-Mij. Begin 1923 werd geen stroom meer betrokken van de centrale in Arnhem, zodat praktische alle energie in Nijmegen opgewekt moest worden en van daar uit (op 10 kV niveau!) getransporteerd moest worden naar alle uithoeken van de provincie.

De sterke groei van het stroomverbruik in de regio’s Arnhem en Apeldoorn maakte het noodzakelijke om naar een hogere spanning voor het transportnet om te zien. Het spanningsverlies tussen Nijmegen en Apeldoorn was bij 10 kV te groot en betrouwbare regelschakelaars waarmee men onder belasting de spanning kon regelen hadden nog niet hun intrede gedaan. Het probleem van de lange afstanden en het toenemende stroomverbruik kende men reeds in Duitsland waar in 1917 al een transportverbinding (Dessau/ Bruinkoolgebied – Berlijn) was met een spanning van 110 kV.  Ook Brabant had reeds een 50 kV verbinding tussen de Donge centrale en de regio Helmond / Eindhoven.

Daar kwam voor het gebied rond Apeldoorn nog bij dat in WO I (1914.1918) het Rijk besloot om een zendstation te bouwen voor radiotelegrafie met het toenmalige Nederlands-Indië. Dit zou in Kootwijk moeten komen en heette later Radio Kootwijk (bekend van “Hallo Bandung”) (zie elders op deze website). Voor dit radiostation was een enorm vermogen nodig en het ver afgelegen Nijmegen moest dit leveren.

In 1919 besloot de PGEM tot de bouw van een 50 kV verbinding, Nijmegen – Arnhem – Apeldoorn. Deze moest over de Waal en de Rijn. Omdat de Rijn bij Arnhem tamelijk smal is, voorzag men daar geen probleem. Anders was het in Nijmegen met de veel bredere Waal. Een rivierkruising met een lijn op hoge masten vond men gezien de breedte te riskant. Voor het alternatief, 50 kV kabel, was de techniek nog niet zover. Daarbij kwam nog dat er op de centrale op de Waalkade nauwelijks ruimte was voor een 50 kV station. Er werd daarom gekozen voor een 10 kV kabelverbinding (de generatorspanning was 10 kV) tussen de centrale op de Waalkade en de overkant van de rivier, het dorp Lent. Hier zou dan een 10/50 kV station gebouwd worden. Het 50 kV net werd ”Ultra hooge spanningsnet” genoemd. ”Lent” werd als een provisorium gebouwd en kreeg een paar jaar later zijn definitieve gestalte, de naam “provisorium” is echter nog lang in zwang gebleven.

Opstelling van de transformatoren van Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek NV in het 'provisorium' van het 10kV/50 kV (50 kilovolt - 50.000 volt) onderstation/verdeelstation van de Provinciale Geldersche Electriciteits Maatschappij (PGEM) rond 1924/1925. Locatie: Lent aan de Oosterhoutse dijk.  

Bron: Graafschapbode, 18-8-1925.

 

Schrijf reactie (0 Reacties) Lees meer...

Bedrijfsfilm videobox

Cloud tag

Laatste artikelen

Laatste reacties

 

Wie is online

We hebben 60 gasten en geen leden online

Statistieken

Aantal bekeken pagina's
4059995

Nieuwsbrief

DMC Firewall is a Joomla Security extension!