Het vervoer van transformatoren d.m.v. paardentractie (Smit Transformatoren 1913-1915)
Dit duurde weken...
Willem Benjamin Smit (1860-1950)
Elektriciteitspionier en grondlegger van de Smit bedrijven in Nederland
Smit Slikkerveer
Elektrische centrale Tandjong Priok (1895)
Thomas Rosskopf
Excursieleider KIVI bij Smit Slikkerveer (1911)
Thomas Rosskopf (1880-1953)
De oprichter van Smit Transformatoren, Draad, Weld en Ovens
Transformatoren
Smit Slikkerveer 1912
Smit Transformatoren (1916)
4000 kVA transformator
Smit Transformatoren
Spoelenmontage 1921
Smit Draad (1921-1927)
Kijkje in de Draadfabriek
Hoogte Kadijk
Transformatoren (1936)
Smit Draad
Vrouw aan de omspinmachine (1926)
Smit Elektroden
Laselektroden afdeling 1935
Smit Draad
Draadwals (1926)
Professor Nolen (1938)
Beproeving oude gramme dynamo bij TU Delft
Smit Ovens
Vervoer van een grote oven per slede (Groenestraat Nijmegen 1936)
Smit Gas Generatoren
1965-1969
Smit Slikkerveer
Wereldtentoonstelling Brussel 1910
Smit Slikkerveer
Generator 1500 kW (1913)
Smit Transformatoren
Montage in de bak van een 4000 kVA transformator (Amsterdam 1916)

Laatste updates

1966 start bouw landelijk koppelnet 380 kV.

Het besluit om een landelijk koppelnet op 380 kV niveau te bouwen is van bijzonder groot belang geweest voor onze product ontwikkeling, voor dit net waren zeer grote transformatoren nodig met een spanning waarvoor we alleen nog maar een proefwikkeling hadden gebouwd. De ervaring die we met het koppelnet hebben op gedaan was de opmaat om voor andere landen in de wereld met name voor de USA grote transformatoren te bouwen.

Tussen 1960 en 1970 steeg het reële bruto nationaal product met gemiddeld 5 % per jaar, dat is zelfs iets boven dat van West Duitsland en België. Het Nationaal inkomen per hoofd van de bevolking bedroeg in 1950 Hfl. 1.687 en in 1970 Hfl. 18.407 een stijging van 13 % per jaar ! Ongekende cijfers, de koopkracht explodeerde. De aanschaf van elektrisch aangedreven consumptie goederen steeg in die periode eveneens met 13 % per jaar. Daarbij kwam de grote toename van het elektriciteitsgebruik in de industrie, met name aluminiumsmelters, chemie en aardolieraffinaderijen.

Een één fase transformator uit 1968-JoopKuipers-HR

Een één fase transformator van Smit uit 1968, bron collectie Joop Kuipers.

De stijging van de maximale landelijke belasting was enorm, in 1939 746 MW en in 1964 3880 MW. De periode '40..'45 niet meegerekend is dit een stijging van 8,6 % per jaar.
In 1939 hadden nieuwe productie eenheden een vermogen van 30 ..35 MW, in 1960 was dit reeds 175 MW.
Grotere productie eenheden stellen hogere eisen aan het koppelnet maar ook de hogere belasting. De groei van het kortsluitvermogen en reststroom bij aardsluiting (in het 150 kV koppelnet is het sterpunt met blusspoelen geaard) vragen ook om aandacht. Reeds tweede helft vijftiger jaren wordt een studie verricht naar een koppelnet met hogere spanning. 220 kV of 380 kV ? Zweden heeft sinds 1952 reeds 380 kV. De Sovjet Unie had al in 1959 een 500 kV-net. Plannen voor een West-Europees koppelnet op 380 kV niveau worden geopperd.
De sprong van 150 kV naar 380 kV is groot. Sommigen beweren dat niets dan nog
" lineair " is, als zouden alle vertrouwde wetten van de fysica plotseling op houden te bestaan. Bijna mythisch. Maar zo'n kleine veertig jaar geleden zei men dat ook van 50 kV en noemde dat "ultra hoge" spanning. 220 kV zou beduidend goedkoper zijn dan 380 kV maar niet overal toereikend. Reeds in 1957 wordt het beginsel besluit genomen dat als de behoefte sterk zou blijven toenemen er in het westen , zuiden en midden 380 kV zou moeten komen en dat in het noorden en oosten 220 kV toereikend zou moeten zijn. Begin jaren zestig blijkt al dat bij een reële groei de capaciteit van het 150 kV-net rond 1968 onvoldoende zal zijn. De SEP ( het latere TenneT) besluit dan ook midden jaren zestig tot de realisatie van een 380 kV koppelnet. De eerste doelen zijn: fase I van het landelijk koppelnet, in Maasbracht een koppeling op het West Europese net en na drooglegging van de polder Zuidelijk Flevoland een verbinding Diemen-Ens om in Ens het 380 kV-koppelnet met een 380 /220 kV transformator te verbinden met het 220 kV-koppelnet.

Chronologie van het begin van de bouw van het landelijk 380 kV-koppelnet.

Lees meer

130 jaar elektrische straatverlichting in Nederland (Nijmegen 1886 - 2016)

Tuimellantaarn Nijmegen 1886 (pentekening Willem Benjamin Smit)Op 01-07-2016 was het exact 130 jaar geleden dat de elektrische straatverlichting in Nijmegen in gebruik werd genomen. Willem Smit had eerder dat jaar in Kinderdijk al de eerste openbare Nederlandse elektriciteitscentrale aangelegd met 350 aansluitingen naar fabrieken en particulieren, direct gevolgd door Nijmegen.

Elektrische straatverlichting in Nijmegen
Nijmegen was dus enkele maanden later aan de beurt. Willem installeerde zijn tuimellantaarns, die voorzien waren van een voor die tijd unieke constructie die men kon tuimelen zodat de koolspitsen in de booglamp vervangen konden worden nadat ze waren opgebrand, hetgeen dus zeer frequent moest gebeuren. Nijmegen was daarmee de eerste gemeente met een (piepkleine) elektriciteitscentrale, die uitsluitend stroom leverde voor de straatverlichting (dus niet aan particulieren of fabrieken). Het moet in die tijd een prachtig gezicht geweest zijn om de Waalkade elektrisch verlicht te zien.

Booglamp W. Smit 1893

De koolspitslamp, ook wel koolstaaf booglamp genoemd, wordt gezien als de voorloper van de gloeilamp. Het licht dat deze lamp verspreidt, komt tot stand door een continue vonkoverdracht tussen twee elektroden van geperst koolpoeder. Dit principe lijkt een beetje op elektrisch lassen. De verblindende straal wit licht was zo fel dat de lamp eigenlijk alleen geschikt was als pleinverlichting of als zoeklamp voor schepen.

Toen Edison de gloeilamp uitvond (1879) kwam pas de echte vooruitgang tot stand op het gebied van verlichting. Deze werd ook door Willem Smit toegepast, maar rond 1886 was de booglamp (met name voor buiten verlichting) met zijn grote licht opbrengst nog altijd praktischer en goedkoper dan een oplossing met een groter aantal gloeilampen met ieder een geringere lichtopbrengst.Dit ondanks het feit dat Nijmegen in die tijd de gloeilampenstad van Nederland was met meerdere gloeilampenfabrieken.

Willem Smit verkocht in deze jaren ook gloeilampen aan een zekere A.F. Philips, enkele jaren voordat Philips werd opgericht in 1891 en zij de gloeilampen industrie overnamen. Anton Philips herinnerde zich nog een order van 2 x 50 lampen die in 1895 weer bij Willem Smit besteld werden. In het prille begin van Philips was Willem Smit dus hun huisleverancier voor gloeilampen.

Lees meer

De nettransformator en de energietransitie

De energie huishouding van een gemiddeld gezin: verleden - heden - toekomst


Bron: Pixabay (free of copyrights)

Een “gemiddeld” gezin is heden ten dage aangesloten op het aardgas om het huis te kunnen verwarmen en het warme water voor het douchen. De elektriciteit wordt gebruikt voor verlichting, tv en koken en de auto loopt op benzine. Je ziet: Een “gemiddeld” gezin heeft nu drie energiestromen tot zijn beschikking op elk moment van de dag en de opslag van de energie is geen probleem. (zie fig 1). In de nabije toekomst zal dat veranderen en zal er nog zeer waarschijnlijk maar één energiestroom zijn, namelijk de elektriciteit. De huisaansluiting zal dan standaard driefasig zijn. Indien het “gemiddelde” gezin zo overstapt door een warmtepomp te installeren voor verwarming en warm water en men de benzine auto inruilt voor een elektrische auto, dan zal dat grote consequenties hebben voor het elektriciteitsnet en voor de transformator in het bijzonder.

Energietransitie Het “gemiddelde” gezin zal het jaarverbruik zien toenemen van 3000 kWh naar 8300 kWh, dus bijna een verdrievoudiging (zie fig 2). Bij deze vereenvoudigde berekening is trouwens uitgegaan van 100% rendement ( dus geen energieverliezen ), geen verandering in levensstijl en geen extra isolatiemaatregelen aan de woning. Het piekverbruik zal daarentegen veel meer toenemen. In de winter leveren de zonnepanelen nagenoeg geen energie, de warmtepomp draait op vol vermogen en de accu van de auto moet dan ook nog opgeladen worden. In de zomervakantie, op een niet te hete dag, leveren de zonnepanelen veel energie, de meeste auto’s zijn in het buitenland en de warmtevraag is beperkt en de warmtepomp staat dan ook niet in de airco-stand. Er is dus geen piekverbruik, maar een pieklevering. Er is echter nog geen opslagmedium die het teveel aan elektrische energie opslaat voor een tijdstip dat de vraag hoog is, tenzij men daarvoor de accu van de auto’s (niet alleen van je eigen auto maar misschien ook die van de buren) wil gaan gebruiken.

 

Lees meer

Historische metingen bij Royal Smit Transformatoren

Inleiding.

In het artikel “Beproevingsprotocol Smit Transformatoren (3 april 1913)” wordt verteld dat Kees Spoorenberg een ordner vond met historische meet gegevens. Omdat hij een artikel aan het schrijven is over de verliezen van transformatoren was dit een zeer welkome vondst.

We beschikten nog niet eerder over de gebruikelijke waarden van het nullast- en kortsluitverlies van de allereerste transformatoren. Hier was nauwelijks iets over gepubliceerd, Smit Periodieke Mededelingen kwam pas voor het eerst uit in 1925. Brochures waren er in die tijd nog niet, die zouden dan ook in slechte aarde vallen. Het ging immers om een industrieel product dat door ingenieurs aangeschaft werd en niet om een consumentenartikel. Wel vermeldden oude leerboeken de verliezen uit het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw maar gegevens uit de prille beginperiode ontbraken.

De gegevens uit de bewuste ordner hebben we geanalyseerd en worden besproken in het hoofdstuk “Analyse van historische meetgegevens”

Tevens hebben wij begin 2019 aan een transformator uit 1923 verliesmetingen kunnen verrichten en de gegevens gebruikt voor reverse engineering. Dit wordt besproken in het hoofdstuk “Metingen aan een transformator uit 1923 en reverse engineering“

Beide acties hebben een grote bijdrage geleverd aan onze kennis van het verleden.

Bij deze danken wij Jan Wiggelman van Smit Transformator Service voor de tijd die hij heeft gespendeerd aan het voorbereiden en uitvoeren van de metingen, het ter beschikking stellen van de meetinstrumenten en de inbreng van zijn kennis. 

1: Analyse van historische meetgegevens.

Uit de ordner hebben wij een kleine veertig beproevingsprotocollen geselecteerd op basis van de destijds meest voorkomende standaard types bij de openbare nutsbedrijven. Om te bepalen wat “standaard” was hebben wij ons laten leiden door “Geschiedenis van de Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij 1915-1940” Hoofdstuk VIII De Leidingnetten der Vennootschap, ervan uitgaande dat de situatie in Gelderland niet sterk afwijkende was van het landelijk gemiddelde. De gegevens uit de beproevingsprotocollen zijn in een spreadsheet geplaatst om nader geanalyseerd te kunnen worden.

Hieronder twee voorbeelden.

Lees meer

Biografie Prof. Dr. Ir. H.G. Nolen (1890 - 1986)

Prof. Ir. Dr. H. G. Nolen 1937Professor Henri George Nolen moet gezien worden als de stamvader van de transformatoren technologie in Nederland. In zijn tijd was hij de ultieme expert op transformatoren gebied en zeer belangrijk voor de ontwikkeling van  Smit Transformatoren. Hier volgt zijn biografie.

Henri George Nolen werd geboren 30-06-1890 te Rotterdam. Hij overleed op 08-04-1986 te Rheden. Zijn vader was Willem Nolen (1854-1939), een beroemde professor en pionier in de interne geneeskunde te Leiden. Zijn moeder was Daniëla Anna de Chaufepié (1856-1928).

Hij trouwde op 25 jarige leeftijd met de 3 jaar jongere Hubertha Gerarda van Walsem (1894-1976) te Katwijk op 13-03-1916. Zie de genlias database voor meer details. Zij kregen 4 kinderen (2 jongens en 2 meisjes). Ik kwam daar ook nog een zekere Willem Nolen tegen die getrouwd was met Catharina van Walsem op 21-03-1912. Blijkbaar waren de broers Nolen getrouwd met de zussen van Walsem. De vaders en moeders van de bruid- en bruidegom waren immers identiek bij beide trouwplechtigheden.

Foto rechtsboven: H. G. Nolen rond 1937.

5-5A Fotonr.10396 Beproeving door Prof Nolen

Mooie foto van de beproeving van een oude gramme dynamo van Willem Benjamin Smit uit 1883 bij de Technische Hogeschool in Delft . Datering 1939 (bron: archief Brush HMA). Links Professor Nolen. 

Lees meer

Biografie Ir. Thomas Rosskopf (1880-1953) + 2 filmfragmenten

Biografie van Ir. Thomas Rosskopf (1880 - 1953), feitelijk oprichter van Willem Smit & Co's Transformatoren N.V. en één van de pioniers van de elektrotechniek in Nederland. 

Thomas Rosskopf was een der pioniers van de Nederlandse Elektrotechnische Industrie. Hij werd op 26-04-1880 te Amsterdam geboren en doorliep daar de Lagere School en de H.B.S. met een vijfjarige cursus. Van 1898 tot 1902 studeerde hij aan de Polytechnische school te Delft, waar hij het diploma voor Werktuigkundig Ingenieur behaalde. In 1904 behaalde hij het diploma Elektrotechnisch Ingenieur in Karlsruhe.

Thomas Rosskopf

Thomas Rosskopf 

Studententijd van Thomas Rosskopf
Van 1898 tot 1902 studeerde hij aan de Polytechnische school te Delft. Deze school had in die tijd nog geen opleiding tot elektrotechnisch ingenieur. Thomas was voorzitter van het studentencorps. Hieronder een aantal unieke foto's uit de collectie van de familie Rosskopf.

Rosskopf in zijn studententijd (Polytechnische school Delft 1899)

Prachtige foto van Thomas Rosskopf, met pet en pijp, te midden van zijn studievrienden bij de Polytechnische school Delft in 1899, bron Familie Rosskopf.

Ontgroening Delft 1898 (ergens moet Thomas Rosskopf er op staan).

De ontgroening van de studenten aan de Polytechnische school te Delft. De Datering van deze foto is 1898 (stond achterop de foto's). Hierop moet dus ergens Thomas Rosskopf te zien zijn. 

 

Lees meer

Beproevingsprotocol Smit Transformatoren (3 april 1913)

Van Henk Fonk ontvingen wij begin 2010 een uniek beproevingsprotocol van Smit Transformatoren met de datum 3 april 1913, terwijl de productie in Nijmegen begon op 4 november van dat jaar. De officiële oprichting vond plaats op 02-05-1913. Een mogelijke verklaring is vonden wij destijds dat men de t.b.v. Nijmegen vooraf gemaakte standaard protocollen al in Slikkerveer gebruikte. Nadat Kees Spoorenberg begin 2019 een ordner had gevonden met zeer oude originele beproevingsprotocollen (waar onder ook deze) moeten wij deze eerdere verklaring in trekken.
Voortschrijdend inzicht leert ons dat de praktijk bij de beproeving na revisies of reparaties bleek te zijn dat men hiervan een protocol op groen papier opmaakte en dit samenvoegde met dat van de eerste beproeving op wit papier. Van de Slikkerveerse transformatoren bestonden geen "witte" protocollen maar de meetgegevens lagen wel vast. Kwam een Slikkerveerse transformator terug in Nijmegen dan werd er eerst een wit protocol vervaardigd (met de oorspronkelijke datum, dus geantidateerd) al vorens men het groene protocol op maakte. Dit witte protocol is dus waarschijnlijk opgemaakt op 22- 3 -1916 ten behoeve van een revisie of reparatie. Zie de opmerking " 22-3-16 herstellen" . Helaas hebben wij het groene protocol niet kunnen vinden. De transformator is in Slikkerveer geproduceerd in de maanden voor 3-4-1913.
Tot eind zeventiger jaren van de vorige eeuw werden de verliezen van dit soort transformatoren (bij anderen dan Smit) nog steeds met de zogenaamde Aron schakeling gemeten. De Aron-schakeling is een twee- wattmeter schakeling waarbij men doorgaans eerst twee wattmeters afleest en de deze vervolgens naar andere fazen omschakelt en nogmaals afleest waarbij de gemiddelde waarde van beide meting (verschil van de aanwijzing van de twee wattmeters) wordt beschouwd als zijnde het totale door de driefasen getransporteerde vermogen".

Draaistroom transformator doorsnede Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek 1915

Lees meer

130 jaar elektriciteit in Nederland (Kinderdijk 1886 - 2016)

Willem Benjamin Smit in 1888Op 19-04-2016 was het precies 130 jaar geleden dat de eerste openbare elektriciteitscentrale van Nederlands fabricaat van start ging ( de N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk). De oprichter was Willem Benjamin Smit. Nadat Willem enkele jaren daarvoor (1881) een verlichtingsinstallatie had gebouwd voor de fabriek van Diepeveen, Lels en Smit, wilde de directeur ook elektriciteit in zijn eigen huis. Dit wekte grote belangstelling bij andere fabrikanten, want zij wilden ook hun olielampen vervangen door elektrisch licht. In 1884 werd Willem gevraagd om onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een elektrische centrale in Kinderdijk. 

Eerste Nederlandse wisselcentrale Kinderdijk 1886

De elektrische centrale Kinderdijk (1886). Bron: Brush Ridderkerk, Deze centrale bestaat niet meer. Ergens in de zestiger jaren van de vorige eeuw is het pand gesloopt.  

Zo ontstond het idee om een elektrische centrale te bouwen die niet alleen aan fabrieken, maar ook aan particulieren stroom zou kunnen leveren. De begroting kwam uit op HFL 26000,- en het kapitaal werd verstrekt door Jan Smit V die we later tegen komen. Hij verstrekte een lening tegen 3.5 % rente en de eerste elektriciteitscentrale in Nederland, de "N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk" was een feit.

Naar de elektrische centrale van Thomas Edison
In 1884 ging Willem met een door hem zelf (elektrisch) verlicht schip van de Holland-Amerika lijn naar de Verenigde Staten (New York) om daar de eerste elektrische centrale van Thomas Edison ( The Edison Electric lluminating Company) te kunnen aanschouwen die al in 1882 "het licht" zag. De ervaringen die hij daar opdeed paste hij toe bij de centrale in Kinderdijk.

Lees meer

Willem Benjamin Smit in 1888Op 19-04-2016 was het precies 130 jaar geleden dat de eerste openbare elektriciteitscentrale van Nederlands fabricaat van start ging ( de N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk). De oprichter was Willem Benjamin Smit. Nadat Willem enkele jaren daarvoor (1881) een verlichtingsinstallatie had gebouwd voor de fabriek van Diepeveen, Lels en Smit, wilde de directeur ook elektriciteit in zijn eigen huis. Dit wekte grote belangstelling bij andere fabrikanten, want zij wilden ook hun olielampen vervangen door elektrisch licht. In 1884 werd Willem gevraagd om onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een elektrische centrale in Kinderdijk. 

Eerste Nederlandse wisselcentrale Kinderdijk 1886

De elektrische centrale Kinderdijk (1886). Bron: Brush Ridderkerk, Deze centrale bestaat niet meer. Ergens in de zestiger jaren van de vorige eeuw is het pand gesloopt.  

Zo ontstond het idee om een elektrische centrale te bouwen die niet alleen aan fabrieken, maar ook aan particulieren stroom zou kunnen leveren. De begroting kwam uit op HFL 26000,- en het kapitaal werd verstrekt door Jan Smit V die we later tegen komen. Hij verstrekte een lening tegen 3.5 % rente en de eerste elektriciteitscentrale in Nederland, de "N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk" was een feit.

Naar de elektrische centrale van Thomas Edison
In 1884 ging Willem met een door hem zelf (elektrisch) verlicht schip van de Holland-Amerika lijn naar de Verenigde Staten (New York) om daar de eerste elektrische centrale van Thomas Edison ( The Edison Electric lluminating Company) te kunnen aanschouwen die al in 1882 "het licht" zag. De ervaringen die hij daar opdeed paste hij toe bij de centrale in Kinderdijk.

1882 Edison 640px-Thomas Edison2
Links:  The Edison Electric lluminating Company, rechts:  Thomas Edison (Bron: Wikipedia).

Edison2
Deel van het logo van de eerste elektriciteitscentrale ter wereld. Bron: Wikepedia, Flickr.  

Locatie
Men kiest een stuk terrein aan de waterkant, achter de kopergieterij van J & K Smit's scheepswerven te Kinderdijk, op de grens van de gemeenten Nieuw Lekkerland en Alblasserdam. De centrale komt dan ongeveer in het midden te staan van de aan te sluiten huizen en fabrieken. De ligging is ook praktisch - aan de waterkant - waardoor men zoet water voor de stoomketel en koelwater bij de hand heeft. Begin 1886 wordt begonnen met de bouw van de elektrische centrale in Kinderdijk. Het is een klein stenen gebouw van 6.5 bij 11 meter met een gebogen golfplaten dak en een 15 meter hoge schoorsteen.  De centrale werd gebouwd op een oude rivierbedding die zo  nat en drassig was dat 3 vijftien-meter lange houten heipalen op elkaar geheid moesten worden om een vast fundament te krijgen. Op deze ondergrond werd een stoomketel geplaatst en een stoommachine van 80 P.K.

Start bouw fabriek Kinderdijk 18-02-1886 Willem Benamin Smit 

Gorinchems dagblad 18-02-1886                                Willem Benjamin Smit (1860-1950)

Start elektrische centrale Kinderdijk (1886)
De "N.V. Electrische verlichting Kinderdijk" wordt officieel opgericht door Willem Benjamin Smit op 12 december 1885. Folkert Hessel Lels ,familie uit Alblasserdam wordt als snel naar voren geschoven als directeur. Willem Smit levert twee gelijkstroomdynamo's van elk 7,5 kW.(110 Volt) en de elektrische installatie (schakelborden enz.). Verder legt hij de lichtpunten en de leidingen naar de huizen en fabrieken. De stoomketel wordt geleverd door Machinefabriek Diepeveen, Lels en Smit evenals de stoommachine van 80 pk. Deze liggende compound stoommachine - voorzien van twee vliegwielen - drijft met lederen drijfriemen de beide dynamo's aan, elk met een capaciteit van ongeveer 7,5 K.W. gelijkstroom. De stoommachine draait dagelijks van 12:00 tot 22:00 uur en dan wordt tevens een accubatterij opgeladen, waarvan stroom kan worden afgenomen als men dit nodig heeft buiten de uren dat de stoommachine actief is. 

Eerste Nederlandse wisselcentrale Kinderdijk 1886   

De oprichting van de elektrische centrale in Kinderdijk, bron: de Ingenieur 23-01-1886

De oprichting van de elektriciteitscentrale "Kinderdijk", bron: "Nederlandsche Staatscourant" 15-1-1886.

De centrale begint op 19-04-1886 met ongeveer 350 aansluitingen, waarbij iedere lamp als een aansluiting werd geteld. De aansluitingen werden ondergronds aangelegd. Eind 1886 werden ook nog 21 straat-lantaarns voorzien van elektrisch licht. Kinderdijk leverde licht volgens een soort vastrecht calculatie, waarbij iedere abonnee per lichtpunt (hier dus per lamp die door de centrale geleverd werd) tussen de 12 en 15 gulden per jaar betaalde. In 1912 had de centrale 936 aansluitingen.

 

Een unieke luchtfoto waarop de elektriciteitscentrale van Kinderdijk te zien is achter de smederij van L. Smit & Zoon. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard, met dank aan dhr. Jansen, secretaris H.V.W.A.

Unieke familiefoto met achterin beide met bolhoed Adriaan Pot en rechts daarnaast Willem Benjamin Smit. Bron: Archief Dordrecht/ familie Smit (Kinderdijk). Datering rond 1920-1930.

Machinist-elektricien / stoker 
De centrale had 1 machinist en 1 stoker in dienst. De machinist en de stoker waren de belangrijkste mannen van de elektrische centrale. Ze hadden samen de taak om de centrale draaiende te houden. Leidingen en lichtpunten werden door hen aangelegd en onderhoud was ook voor hun rekening. De machinist die werkzaam was in de elektrische centrale Kinderdijk was dhr. van den Berg. Heeft iemand daar een foto van ??

Lantaarnopsteker 

Voordat de elektrische centrale werd opgericht had men in Kinderdijk een lantaarnopsteker in dienst. Hij werd aangesteld door de gemeente om in de avond de straatlantaarns - die in die tijd vaak nog op petroleum of gas werkten - aan te steken. Dit was een dagelijks ritueel.  

Sluis op de Dam (Kinderdijk) met links  een lantaarnpaal, die werd verlicht door middel van petroleum (1910).

In die tijd (1910) zijn de he­ren Van Wijnen en Erkelens als lantaarnopstekers in dienst van de gemeente Nieuw Lekkerland. Erkelens nam de lantaarns op Dam, Kerkstraat, Polderstraat en Hoogendijk voor zijn rekening, van Wijnen liep vanaf de Dam, heel Cortgene, Oost- en West-Kinderdijk uit tot aan het kantoorge­bouw van Kloos Kinderdijk NV. Niet alleen omdat daar ongeveer de grens van Alblasserdams grondgebied ligt, nee, maar ter plaatse begon elektrische straatverlichting. Een straatverlichting die ongeveer ophield bij het post­kantoor in de Kinderdijk. Onderaan de machinefabriek van voorheen J. & K. Smit stond de centrale Kinderdijk, die zorgde voor licht langs de dijk en in huis voor de directieleden van Kloos en L. en J. & K. Smit. Machinist was de heer Van den Berg.

Lantaarnopsteker Van Wijnen begon zijn lantaarns aan te steken bij de vroegere scheepswerf van Jonker. Daartoe werd gebruik gemaakt van een laddertje, met een inkeping in de bovenste sport om glijden te voorkomen. Een van de raampjes van de zeskantige lantaarn werd geopend en met een lucifer werd licht gemaakt. He was oppassen dat de pit niet begon te roken en dan vlug het raampje dicht om doven van het lichtpuntje (meer was het niet) te voorkomen.

Met een beetje wind lukte dat niet altijd even goed. Vooral als het wat hard waaide kon het gebeuren, dat men weer de ladder op moest omdat de wind onder de kap van de lantaarn was geslagen. Zo zakte men dan de Kinderdijk af tot men op de Dam uitkwam. Behalve lantaarnopsteker, waren de heren Erkelens en Van Wijnen ook nachtwaker en moest men om het uur de tijd afroepen, bijvoorbeeld "10 heit de klok, 10 uur", waarna twee slagen met de klepper wer­den gegeven. Deze nachtdienst duurde van 10 tot 4 uur, in tegenstelling tot de dag politie, toentertijd gevormd door de agenten Praag en Zwart en later Kaat en Leuhof.

Het tijdstip van aansteken hing af van het jaargetijde en maanstand, 's Zomers brandden geen lantaarns, omdat de zon toch laat onderging en in de andere jaargetijden was het criterium of het volle maan was of niet. In het eerste geval was het niet nodig om de lantaarns aan te steken, in de andere gevallen van wassende maan, eer­ste en laatste kwartier wel. Dat kon in de wintermaan­den reeds in de late middaguren het geval zijn. Niet alleen aansteken, maar ook het uitblazen van de petroleumlichtjes behoorde tot de taak van deze mensen in gemeentedienst. Om 10 uur 's avonds werd begonnen - daar waar men de ladder het laatst had gebruikt - voor het aansteken en in omgekeerde richting werden de lantaarnpalen weer met een bezoek vereerd. Het uit­blazen gebeurde met een koperen blaaspijpje van on­geveer 40 cm lang dat door de opening in de kop van de lantaarn gestoken werd. Eenmaal per week werden de lantaarns onder handen genomen, werd koper gepoetst, de pitten en raampjes schoongemaakt en de tank met petroleum bijgevuld. Dit waren tijdrovende werkzaamheden die weinig geld in het laatje brachten. Daarom werkte men de resterende uren van de dag ook nog voor andere bedrijven of particulieren.

De opa van de secretaris van de Historische Vereniging West-Alblasserwaard - Willem Jansen - was ook lantaarnopsteker. Hij was waarschijnlijk de opvolger van boven genoemde heren van Wijnen en Erkelens, want hij begon in 1913 als lantaarnopsteker. Of hij ook de koolspitsen in de elektrische straatlampen heeft vervangen weten we niet, maar dat zou heel goed mogelijk geweest zijn aangezien men in die tijd oude petroleum en elektrische lampen door elkaar gebruikte in Kinderdijk. Met de komst van elektrisch licht verdween de lantaarnopsteker langzaam uit het straatbeeld van Kinderdijk en Krimpen aan de Lek. Machinist, stoker en lantaarnopsteker zijn vandaag de dag uitgestorven beroepen, maar in die tijd waren zij de belangrijkste medewerkers van een elektrische centrale en voor verlichting in de avond en nacht.

Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard, akte van aanstelling, ontvangen van Theo Jansen.

Gloeilampen 
De lampen werden door de Centrale geleverd. Abonnees betaalden per "lichtpunt"dus per lamp 12 tot 15 gulden per jaar. Willem Smit bestelde lampen van het merk "Edison" bij een vertegenwoordiger in Antwerpen voor een bedrag van HFL 2,50 (een flink bedrag in die tijd) en andere lampen van het merk Swan importeerde men uit Engeland. Beide lampen. Omdat er wat problemen waren met spanningsverlies werden dicht bij de Centrale Swan lampen gebruikt (110 Volt) en verder weg Edison lampen (108 Volt - 100 Volt). 

Een Edison en een Swan gloeilamp uit 1884 Edison gloeilamp uit 1884

Links, 2 Edison gloeilampen en rechts 2 Swan gloeilampen uit het jaar 1884.

Huiscentrale
Wanneer particulieren elektrisch licht afnamen van de elektrische centrale Kinderdijk (12 tot 15 gulden per jaar vastrecht) werd de huiscentrale gratis aangelegd maar bleef deze eigendom van de centrale, evenals de voor die tijd dure gloeilampen (type Edison en Swan) die door Willem Smit werden ingekocht in België en Engeland. Opgebrande exemplaren kon men inleveren bij de machinist van de centrale en die verving ze dan door nieuwe. 

Elektrische installatie voor een villa in Slikkerveer (1880-1890)   

Unieke foto van een zeer vroege elektrische verlichtingsinstallatie (huiscentrale) in een villa in Slikkerveer, aangelegd door Willem Benjamin Smit tussen 1880 en 1890. Op de foto zien we een schakelbord met installatie. Een soortgelijke installatie werd dus geplaatst in de villa van de directeur van firma Diepeveen, Lels en Smit.  Foto: Archief Brush HMA Ridderkerk.

Jan Smit V en de lift
De verlichting was stabiel, ondanks spanningsverlies, maar toen een zekere heer Jan Smit (niet de zanger) op het idee kwam om een elektrische lift in zijn huis te plaatsen. Jan Smit V was slecht ter been en dit was voor hem een uitkomst. Hij kon nu zonder de trap te gebruiken bij zijn bed op de eerste verdieping komen. Maar het elektriciteitsnet werd zodanig belast dat van Alblasserdam tot Nieuw Lekkerland de lampen half gedoofd werden op het moment dat hij zijn liftmotor activeerde en naar bed ging.  Ondanks alle gebreken en moeilijkheden waren de abonnees zeer tevreden met het elektrische licht.

 

De villa van Jan Smit, directeur van L. Smit & Zoon's scheeps- en werktuigbouw was aangesloten op de elektrische centrale van Kinderdijk en had de bewuste elektrische lift in zijn villa gebouwd die zorgde voor de stroom-dip wanneer hij naar bed ging en de lift aanzette. Jan Smit erfde de scheepswerf van zijn oom Leendert (opvolger van Fop Smit) en was in 1 klap schatrijk. (Hij werd Jan V genoemd). Deze Jan was diegene die de opdracht aan Willem gaf om de elektrische centrale Kinderdijk te gaan bouwen. Bron: Historische vereniging West Alblasserwaard.

 

Links, Jan Smit V voor zijn huis, rechts een portret van Jan Smit V, financier van de elektrische centrale Kinderdijk en de man van de lift... (1837-1911). Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Verlichting in de fabriek
De meeste fabrieken in Kinderdijk werden voorzien van elektrische verlichting door Willem Smit. Hieronder een mooi voorbeeld van de fabriek van Diepeveen, Lels en Smit, waar we een aantal booglampen zien van het eerste uur. In de fabriek was een gloeilamp toen nog geen optie. Men had veel licht nodig in de hoge gebouwen en een booglamp was uitermate geschikt voor sterke / felle verlichting in en rondom fabrieken. Dubbelklik op de foto om deze in detail te bekijken. Let ook op de primitieve opstelling, loshangende kabels en drijfriemen bij de machines, een unieke foto !

 

Een unieke foto van de fabriek van Lels Smit & Diepeveen met een zestal van de eerste booglampen van Willem Smit aangesloten met elektriciteit van de centrale in Kinderdijk. Deze 6 booglampen lijken geschakeld te zijn net als de straatverlichting in Nijmegen in 1886). Verder zien we veel draaibanken met centrale aandrijving wat in die tijd gebruikelijk was in de fabrieken. Datering 1881-1888. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Een van de oudste foto's van een booglamp fabricaat Willem Smit (1880-1885)  

Een hang(boog)lamp van Willem Smit zoals deze werden geplaatst in fabriekshallen en huizen. Dit is de oudste foto van een booglamp, gemaakt door Willem Smit, die wij tot nu toe hebben kunnen vinden. (datering: 1880-1885). Bron: Brush Ridderkerk, fotonummer 13 

Stoommachine gemaakt in de fabriek van Lels, Smit & Diepeveen met op de achtergrond 2 booglampen aangelegd door Willem Smit. (1881-1888).  

Weer een stoommachine gemaakt in de fabriek van Lels, Smit & Diepeveen met op de achtergrond rechts 1 booglamp aangelegd door Willem Smit. (1881-1888). 

Een zeer primitieve opstelling van flinke booglamp bij een schuur bij L. Smit & Zoon in Kinderdijk Linksachter in beeld nog een booglamp. Dit is 1 van de gebouwen / fabrieksterreinen die op de eerste elektrische centrale waren aangesloten. Datering 1886 - 1900, Bron: Archief Dordrecht.

Hier zien we een schakelinrichting van Smit Slikkerveer voor de firma Kloos, die ook materialen bevat van Siemens. Rechtsboven zien we een metalen bordje van "Electrotechnische Industrie". Dat is de benaming van Smit Slikkerveer vanaf 1896. De vier zwarte blokjes met 750 Volt/1000 ampère en 750 Volt/225 ampère zijn voorzien van het logo van Siemens (twee keer een S door elkaar heen). Ook de ampère meters zijn van Siemens. Smit gebruikte dus ook onderdelen van andere fabrikanten in zijn zelf gemaakt schakelbord.

Ook de firma Kloos te Kinderdijk was een van de afnemers van elektrisch licht van de centrale Kinderdijk.

Nog 2 unieke foto's van de fabriek van Diepeveen, Lels & Smit met booglampen van Willem Benjamin Smit. Datering 1881-1888. Klik op de foto's om te vergroten. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Elektrische verlichting op het terrein bij L.Smit & Zoon. Een booglamp bij de sleephelling. (1886-1900).

 

Een booglamp op het terrein van L. Smit & Zoon bij de sleephelling (1886-1900).

Een fabriekshal van L. Smit & Zoon verlicht met gloeilampen van iets latere datum (1900-1910).

Deze foto is gemaakt in Kinderdijk rond de eerste Wereldoorlog aan de soldatenkleding te zien (1914-1915). Links op dit tafereel zien we een elektrische lantaarn aangesloten op de eerste centrale in Kinderdijk.

 

Op 5 maart 1906 bezocht het Koninklijk huis (Koningin Wilhelmina en Prins Hendrik) de scheepswerven van L. Smit & Zoon. Op de foto rechts zien we ook een elektrische booglamp in het gebouw bij de fabriek van L.Smit & Zoon. waar het Koninklijk paar juist de fabriek verlaat. 

De elektrische centrale

De elektrische centrale Molenstraat 12 te Kinderdijk in 1886 (detail). Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

  

2 unieke foto's van het kantoorgebouw van L. Smit en zoon, gebouwd in 1904. De foto is van voor de verbouwing in 1948 Verder zien we de woning Molenstraat 22, de woning van de doktoren die naast huisarts ook bedrijfsarts waren. Het laatste gebouw is de smederij van L. Smit met in de achtertuin stond de elektrische centrale Kinderdijk. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard. 

De machines
In Kinderdijk gebruikte men dus  een stoommachine van 80 pk. = 59 kW om 2 x 7,5 kW= 15 kW elektrisch vermogen op te wekken. Waar blijven die andere 44 kW dan zouden we ons kunnen afvragen ? " Het was in die tijd gebruikelijk om het vermogen van de stoommachine beduidend groter te kiezen dan dat van de dynamo. Hiermee werden toerental schommelingen (veroorzakers van hinderlijke spanningsfluctuaties) als gevolg van kortstondige belasting variaties vermeden"

Ontwerp elektrische inrichting voor 350 gloeilampen voor de centrale Kinderdijk.

Om een beeld te geven hoe bovenstaande opstelling eruit gezien moet hebben in Kinderdijk zal deze veel geleken hebben op de opstelling in Nijmegen. (zie foto hieronder). De foto is gemaakt in 1893 tijdens de uitbreiding van eerste elektrische centrale in Nijmegen voor de straatverlichting door Willem Smit. 

Eerste Electrische centrale Nijmegen 1893

Een liggende compound stoommachine - voorzien van 2 vliegwielen, die met lederen drijfriemen 2 dynamo's aandrijft. (Nijmegen 1893)

Schema liggende compound stoommachine, bron: www.stoommachine.info 

Opstellingsplan ketels en machines voor de centrale in Kinderdijk. 

De 2 generatoren van Kinderdijk (1886) 

De 2 generatoren van Willem Smit voor zijn elektrische centrale in Kinderdijk (1886)

 

Beide generatoren anno 2016 in het bedrijfsmuseum van Brush HMA Ridderkerk.  

 

Brief 1891

Brief uit 1891 

Aansluitingen 1886 - 1912 

Een overzicht van de aansluitingen op de centrale in Kinderdijk tussen 1886 - 1912.

Krimpen aan de Lek werd ook aangesloten op de centrale (1890)
In Krimpen aan de Lek toonde men ook veel belangstelling voor elektrisch licht. Vooral de scheepswerf J & K Smit wilde graag zijn werf verlichten met elektrisch licht. Ondertussen is de firma Willem Smit & Co zover gevorderd, dat zij een wisselstroom-systeem kan leveren; een 6 kilowatt wisselstroommachine die stroom levert met een spanning van 650 volt. Nadat men enkele maanden daarvoor had getracht de elektrische energie te distribueren over een reeds bestaande lange telefoonlijn, een poging die door de hoge weerstand en geringe belastbaarheid van de draad mislukte, werd Krimpen aan de Lek in 1890 ook aangesloten op de centrale van Kinderdijk. Daarvoor werd in het centraal station van Krimpen aan de Lek een extra dynamo ingezet.  Een bovengrondse leiding van 1,5 km en een concentrische kabel van 300 meter door de rivier de Lek zorgden voor het transport. 

In 1916 was er watersnood in Kinderdijk. Op deze uniek foto genomen vanaf de werf J & K Smit zien we de kabels die afkomstig zijn van de elektrische centrale Kinderdijk . Deze gaan naar "de punt" en vervolgens naar Krimpen aan de lek gaan. Wie heeft een duidelijkere foto ?? Bron: Historische Vereniging West Alblasserwaard.

Het tracé van de nieuwe kabel was als volgt: Eerst liep de stroomkabel enkele tientallen meters langs de boezem, richting Elshout. Ter hoogte van het kolenpad ging het dwars door de dijk langs de 'pelhuizen'. Vervolgens langs het kaatje, dat de scheiding vormde tussen het terrein van L.Smit en J .& K.Smit. Oostelijk van de beide veerhoofden ging de kabel dan de Lek in. Aangekomen in Krimpen a .d.Lek bleek de kabel drie meter te kort te zijn. Zonder toestemming van houthandel Boogaerdt (mevrouw Boogaerdt-Smit was een nicht van Willem Smit) liet Willem de tuin opgraven om de kabel aan te kunnen sluiten, wat niet in goede aarde viel.

Voor Krimpen aan de Lek leverde Willem Smit een 6 K.W. wisselstroommachine die een stroom leverde van 650 Volt en hij leverde ook een viertal luchtgekoelde transformatoren, die de spanning van 650 volt reduceerden tot 65 volt. Deze vier transformatoren 650 / 65 V. waren waarschijnlijk de eerste distributie transformatoren die in Nederland als zodanig werden toegepast. Ook het noodzakelijk gebruik van wisselspanning was een unicum. 

De vraag is nu of deze transformatoren door Willem Smit zijn gemaakt of dat hij ze heeft ingekocht. Wij denken dat hij deze transformatoren in 1890 zelf gemaakt heeft maar weten dit niet zeker. Als dat klopt heeft hij 10 jaar eerder transformatoren gemaakt dan wij dachten. Mocht iemand dit weten graag contact opnemen met Rudo Hermsen, mobiel: 06 19009274

Op 6 september 1890 krijgt Krimpen zijn eerste stroom voor 15 straatlantaarns en voor 25 percelen met in totaal 95 lampen van 40 Watt. (Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard).

In 1890 werd Krimpen aan de Lek aangesloten op de centrale in Kinderdijk

In 1890 werd Krimpen aan de Lek aangesloten op de centrale in Kinderdijk 

 

In 1896 bestond de elektrische centrale in Kinderdijk 10 jaar, bron: 6-6-1896, De Ingenieur 

7-1-1911, De Ingenieur

Een van de 2 generatoren van Kinderdijk (1886)  

Originele generator Kinderdijk. Deze is te vinden in de oudheidskamer in de fabriek van Brush in Ridderkerk.  

Bron: De ontwikkeling van de elektriciteit tot het jaar 1926 (Van Swaaij).

Uitbreidingen
Het aantal aansluitingen op de centrale breidde zich uit en in 1908 branden in Kinderdijk 512 lampen en in Krimpen aan de Lek 216. Hierdoor werd de centrale overbelast en dus moest er uitbreiding komen. Dit vond men in het achterste deel van de kopergieterij. Daar wordt een reserve-stoomketel geplaatst maar de mogelijkheden blijven beperkt. Gevolg is dat 2 andere fabrieken ook een eigen elektriciteitscentrale gaan aanleggen (N.V. Kloos & Zonen en J & K Smit in Kinderdijk).

In het midden de kopergieterij van L. Smit & Zoon, waar de uitbreiding voor de elektrische centrale werd geplaatst. (Molenstraat 12 Kinderdijk) Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Schoonhovense Courant, 22-03-1890, bron: Historische Vereniging Crempene. 

 

Willem Smit en Adriaan Pot ?? 1893  

Willem Benjamin Smit en Adriaan Pot in de stationshal van station Nijmegen tijdens uitbreidingen van elektrische verlichting (1893). Bron: Stichting Willem Smit Historie.

Winst & Verlies rekening NV Electrische centrale Kinderdijk (1914).

De sluiting van de centrale
In 1910 begint aan Dordrecht met een geregelde stroomlevering. De centrale heeft een vermogen van 1200 kilowatt. Ook in het gebied rondom Dordrecht bestaat veel belangstelling voor aansluiting op het Dordtse elektriciteitsnet. Zwijndrecht is de eerste gemeente die aangesloten wordt. In 1915 worden de stroomleveranties overgenomen door het Gemeentelijk Elektriciteitsbedrijf te Dordrecht, zodat de stroomlevering vanuit Dordrecht plaats vind en de elektrische centrale in Kinderdijk moet dan(na 29 jaar) het veld ruimen. Dan volgt de liquidatie en de machine installaties worden weggevoerd en leidingen gesloopt zodat deze niet meer gebruikt kunnen worden. Het gebouw wordt eigendom van L. Smit & Zoon en blijft nog jaren staan totdat het in 1964 gesloopt wordt door mensen met weinig gevoel voor historie. Dit gebouw had vanzelfsprekend een museum moeten worden !

Opheffing NV Elektrische centrale Kinderdijk in 1915

In 1917 schreef Jan Lels een artikel in de Ingenieur over de liquidatie van de oudste centrale van Nederland in Kinderdijk. De scan is niet erg duidelijk, maar volgens mij nog redelijk leesbaar.

NRC-04-04-1917

Op 04-04-1917 lezen we in het NRC dat de complete installatie van de voormalige elektrische centrale Kinderdijk te koop staat. Bron: NRC (het artikel werd mij toegestuurd door Jan Weeda, waarvoor nog mijn dank). 

20 september 1975 onthult professor dr. I . Popkov, voorzitter van het International Electrotechnical Comité (I.E.C.) een gedenkplaat die herinnert aan de eerste Nederlandse elektriciteitscentrale in Kinderdijk. De gedenkplaat is aangebracht tegen de gevel van de voormalige kopergieterij te Kinderdijk, thans het informatiecentrum van I.H.C. Smit. 

Systeem de Kothinsky / Kinderdijk
khotinskyNu zijn er natuurlijk altijd mensen die zeggen dat Kinderdijk niet de eerste centrale in Nederland is, want Achilles de Khothinsky uit Rusland had al in 1884 een proefproject met een kleine werkende installatie in Rotterdam neergezet (Systeem de Khotinsky). De Khotinsky fabriceerde de eerste gloeilamp in Nederland en was zeker de eerste met een elektrische centrale, maar beschikte echter niet over een compleet distributie systeem. Het systeem werkte met accumulatoren en hij moest zijn accu's elders opladen en over het water, de Maas, transporteren naar een centraal punt dicht bij de verbruikers. Verder leverde hij niet aan particulieren en was het geen Nederlands fabricaat.

Kinderdijk distribueerde direct van de dynamo naar de verbruiker door middel van ononderbroken elektrische geleidingen. Daarom mag Kinderdijk zeker worden aangemerkt als de eerste openbare Nederlandse elektriciteitscentrale. 

Dit zijn de 2 originele generatoren van Kinderdijk en te vinden in de oudheidskamer in de fabriek van Brush in Ridderkerk., foto Kees Tym. 

  

Een overzichtsfoto van na 1964 toen de elektrische centrale al was gesloopt. Bron: Historische Vereniging West-Alblasserwaard.

Een mooie luchtfoto van Kinderdijk anno nu. Op beide foto's is mooi aangegeven waar de elektrische centrale ooit stond. Bron: Theo Jansen, Historische Vereniging West-Alblasserwaard. Dubbelklik op de foto's om in detail te vergroten

In 2011 besteedde de NOS aandacht aan 125 jaar elektriciteit in hun journaal en op internet evenals RTV Rijnmond. Een replica van de eerste elektriciteitscentrale is te bezichtigen in het Elektriciteitsmuseum in Hoenderlo.
http://www.electriciteitsmuseum.nl/

Wanneer iemand nog fotomateriaal of documentatie heeft van de eerste elektrische centrale in Kinderdijk graag contact opnemen met Rudo Hermsen mobiel: 06 19009274.
Wij zoeken nog: 

  • Foto's van het interieur van de fabriek (nog niets gevonden)
  • Foto's van de fabriek, andere dan in dit artikel.
  • foto's machinist dhr. van den Berg of andere machinisten die hier gewerkt hebben.
  • Foto's van de stokers van de centrale
  • Foto's van medewerkers van de centrale

Bron: De eerste elektriciteitscentrales in Nederland " J. Hoek ,Historische Vereniging West-Alblasserwaard, Historische Vereniging Crempene, Holec Historisch Genootschap, Archief Brush HMA Ridderkerk, Stichting Willem Smit Historie, diverse kranten . Tekst: Rudo Hermsen/ Erik de Vries.


Bron: Pixabay (free of copyrights).

Reacties mogelijk gemaakt door CComment

Historische nieuwsflits

Een proeve van Rosskopf's handschrift (1945)

Thomas RosskopfHeleen Rosskopf stuurde mij onderstaande brief van haar vader - oprichter van Smit Transformatoren - Thomas Rosskopf.

Op 6 mei 1945 schrijft Rosskopf een uitgebreide brief aan Jo, een naast familie lid, in het westen des lands. De oorspronkelijke brief bestaat uit twee pagina's die buiten algemeenheden ook privé zaken betreffen. Toen we een kopie van deze brief van zijn dochter kregen hebben we beloofd om hem slechts te gebruiken als "proeve van het handschrift" Zinnen of delen met een privé karakter zijn er daarom uitgeknipt, dit is te zien aan dunne horizontale lijnen. Deze zijn bewust niet geretoucheerd.
Het is duidelijk dat er lange tijd geen contact mogelijk was tussen deze Jo en Rosskopf. In de hoop dat het postverkeer weer spoedig op gang komt na de bevrijding van de rest van Nederland schrijft hij daags daarna deze brief.

Let vooral op het bijna vertederende gebruik van het woord "fabriek" in de zin  "Ook de fabriek heeft slechts weinig beschadiging gekregen''
Een gebrekkige vertaling van het handschrift volgt hier onder.

Beste Jo,

Ik schrijf deze brief op 6 Mei en zal zien deze zoo spoedig
mogelijk aan je door te kunnen krijgen.
De eerste vraag is : hoe hebben jullie het er afgebracht. De bericht-
ten over de voeding in het Westen zijn buitengewoon alarmerend.
Wij hopen alle dat jij en ...ies er goed doorheen gekomen zijn.
Ik hoorde dat mijn overbuur de heer van Swaay tot militair
commissaris van Zuid Holland is benoemd.

 


Een proeve van Rosskopf's handschrift.
Brief ontvangen van Heleen Rosskopf, dochter van Thomas Rosskopf, oud directeur en feitelijk oprichter van Smit Transformatoren. Eigendom van Stichting Willem Smit Historie Nijmegen.

 

Met ons gaat het alle zeer goed. Alle kinderen waren
bij de bevrijding op 17-21 September in Nijmegen.

Het huis waar ik ondergedoken

was (.. de familie Rutgers v.d. Loeff) werd op 18 september door
de Duitschers 's avonds om 9 uur in brand gestoken.

Ook de fabriek heeft slechts

weinig beschadiging gekregen.

Van  1 October tot midden April hebben we

voortdurend Engelsche en Canadeesche militairen in huis
gehad. Een nacht hadden we er 22. In het .
..hebben wij een Mess-room in ons huis gehad, waarook
officieren aten.

Onze gesprekken zijn doorspekt met

Engelse uitdrukkingen.

De beste wenschen van allen.

Tom


Schrijf reactie (0 Reacties)

Generator Smit Slikkerveer in de elektrische centrale Utrecht (G.E.B. 1922-1935)

Onderstaande foto uit 1935, betreft de machinezaal met generatoren van het gebouw van "de Gemeentelijke Electriciteits en Trambedrijf (GEB)",  Nicolaas Beetstraat 3 te Utrecht. In het midden zien we duidelijk een generator van Smit Slikkerveer , helemaal vooraan een generator van Siemens Schuckert.  

Generator in Electrische Centrale GEB Utrecht 1935

Generator in Electrische Centrale GEB Utrecht 1935
Bron: Utrecht in woord en beeld 1934-35 nummer 2.


Op de voorgrond zien we nogmaals de generator van Smit Slikkerveer nu in het jaar 1922, bron: Archief Utrecht

Schrijf reactie (0 Reacties)

Bedrijfsfilm videobox

Cloud tag

Laatste artikelen

Laatste reacties

      LEES MEER

Wie is online

We hebben 338 gasten en geen leden online

Statistieken

Aantal bekeken pagina's
5251496
DMC Firewall is developed by Dean Marshall Consultancy Ltd