Het vervoer van transformatoren d.m.v. paardentractie (Smit Transformatoren 1913-1915)
Dit duurde weken...
Willem Benjamin Smit (1860-1950)
Elektriciteitspionier en grondlegger van de Smit bedrijven in Nederland
Smit Slikkerveer
Elektrische centrale Tandjong Priok (1895)
Thomas Rosskopf
Excursieleider KIVI bij Smit Slikkerveer (1911)
Thomas Rosskopf (1880-1953)
De oprichter van Smit Transformatoren, Draad, Weld en Ovens
Transformatoren
Smit Slikkerveer 1912
Smit Transformatoren (1916)
4000 kVA transformator
Smit Transformatoren
Spoelenmontage 1921
Smit Draad (1921-1927)
Kijkje in de Draadfabriek
Hoogte Kadijk
Transformatoren (1936)
Smit Draad
Vrouw aan de omspinmachine (1926)
Smit Elektroden
Laselektroden afdeling 1935
Smit Draad
Draadwals (1926)
Professor Nolen (1938)
Beproeving oude gramme dynamo bij TU Delft
Smit Ovens
Vervoer van een grote oven per slede (Groenestraat Nijmegen 1936)
Smit Gas Generatoren
1965-1969
Smit Slikkerveer
Wereldtentoonstelling Brussel 1910
Smit Slikkerveer
Generator 1500 kW (1913)
Smit Transformatoren
Montage in de bak van een 4000 kVA transformator (Amsterdam 1916)

Laatste updates

1966 start bouw landelijk koppelnet 380 kV.

Het besluit om een landelijk koppelnet op 380 kV niveau te bouwen is van bijzonder groot belang geweest voor onze product ontwikkeling, voor dit net waren zeer grote transformatoren nodig met een spanning waarvoor we alleen nog maar een proefwikkeling hadden gebouwd. De ervaring die we met het koppelnet hebben op gedaan was de opmaat om voor andere landen in de wereld met name voor de USA grote transformatoren te bouwen.

Tussen 1960 en 1970 steeg het reële bruto nationaal product met gemiddeld 5 % per jaar, dat is zelfs iets boven dat van West Duitsland en België. Het Nationaal inkomen per hoofd van de bevolking bedroeg in 1950 Hfl. 1.687 en in 1970 Hfl. 18.407 een stijging van 13 % per jaar ! Ongekende cijfers, de koopkracht explodeerde. De aanschaf van elektrisch aangedreven consumptie goederen steeg in die periode eveneens met 13 % per jaar. Daarbij kwam de grote toename van het elektriciteitsgebruik in de industrie, met name aluminiumsmelters, chemie en aardolieraffinaderijen.

Een één fase transformator uit 1968-JoopKuipers-HR

Een één fase transformator van Smit uit 1968, bron collectie Joop Kuipers.

De stijging van de maximale landelijke belasting was enorm, in 1939 746 MW en in 1964 3880 MW. De periode '40..'45 niet meegerekend is dit een stijging van 8,6 % per jaar.
In 1939 hadden nieuwe productie eenheden een vermogen van 30 ..35 MW, in 1960 was dit reeds 175 MW.
Grotere productie eenheden stellen hogere eisen aan het koppelnet maar ook de hogere belasting. De groei van het kortsluitvermogen en reststroom bij aardsluiting (in het 150 kV koppelnet is het sterpunt met blusspoelen geaard) vragen ook om aandacht. Reeds tweede helft vijftiger jaren wordt een studie verricht naar een koppelnet met hogere spanning. 220 kV of 380 kV ? Zweden heeft sinds 1952 reeds 380 kV. De Sovjet Unie had al in 1959 een 500 kV-net. Plannen voor een West-Europees koppelnet op 380 kV niveau worden geopperd.
De sprong van 150 kV naar 380 kV is groot. Sommigen beweren dat niets dan nog
" lineair " is, als zouden alle vertrouwde wetten van de fysica plotseling op houden te bestaan. Bijna mythisch. Maar zo'n kleine veertig jaar geleden zei men dat ook van 50 kV en noemde dat "ultra hoge" spanning. 220 kV zou beduidend goedkoper zijn dan 380 kV maar niet overal toereikend. Reeds in 1957 wordt het beginsel besluit genomen dat als de behoefte sterk zou blijven toenemen er in het westen , zuiden en midden 380 kV zou moeten komen en dat in het noorden en oosten 220 kV toereikend zou moeten zijn. Begin jaren zestig blijkt al dat bij een reële groei de capaciteit van het 150 kV-net rond 1968 onvoldoende zal zijn. De SEP ( het latere TenneT) besluit dan ook midden jaren zestig tot de realisatie van een 380 kV koppelnet. De eerste doelen zijn: fase I van het landelijk koppelnet, in Maasbracht een koppeling op het West Europese net en na drooglegging van de polder Zuidelijk Flevoland een verbinding Diemen-Ens om in Ens het 380 kV-koppelnet met een 380 /220 kV transformator te verbinden met het 220 kV-koppelnet.

Chronologie van het begin van de bouw van het landelijk 380 kV-koppelnet.

Lees meer

130 jaar elektrische straatverlichting in Nederland (Nijmegen 1886 - 2016)

Tuimellantaarn Nijmegen 1886 (pentekening Willem Benjamin Smit)Op 01-07-2016 was het exact 130 jaar geleden dat de elektrische straatverlichting in Nijmegen in gebruik werd genomen. Willem Smit had eerder dat jaar in Kinderdijk al de eerste openbare Nederlandse elektriciteitscentrale aangelegd met 350 aansluitingen naar fabrieken en particulieren, direct gevolgd door Nijmegen.

Elektrische straatverlichting in Nijmegen
Nijmegen was dus enkele maanden later aan de beurt. Willem installeerde zijn tuimellantaarns, die voorzien waren van een voor die tijd unieke constructie die men kon tuimelen zodat de koolspitsen in de booglamp vervangen konden worden nadat ze waren opgebrand, hetgeen dus zeer frequent moest gebeuren. Nijmegen was daarmee de eerste gemeente met een (piepkleine) elektriciteitscentrale, die uitsluitend stroom leverde voor de straatverlichting (dus niet aan particulieren of fabrieken). Het moet in die tijd een prachtig gezicht geweest zijn om de Waalkade elektrisch verlicht te zien.

Booglamp W. Smit 1893

De koolspitslamp, ook wel koolstaaf booglamp genoemd, wordt gezien als de voorloper van de gloeilamp. Het licht dat deze lamp verspreidt, komt tot stand door een continue vonkoverdracht tussen twee elektroden van geperst koolpoeder. Dit principe lijkt een beetje op elektrisch lassen. De verblindende straal wit licht was zo fel dat de lamp eigenlijk alleen geschikt was als pleinverlichting of als zoeklamp voor schepen.

Toen Edison de gloeilamp uitvond (1879) kwam pas de echte vooruitgang tot stand op het gebied van verlichting. Deze werd ook door Willem Smit toegepast, maar rond 1886 was de booglamp (met name voor buiten verlichting) met zijn grote licht opbrengst nog altijd praktischer en goedkoper dan een oplossing met een groter aantal gloeilampen met ieder een geringere lichtopbrengst.Dit ondanks het feit dat Nijmegen in die tijd de gloeilampenstad van Nederland was met meerdere gloeilampenfabrieken.

Willem Smit verkocht in deze jaren ook gloeilampen aan een zekere A.F. Philips, enkele jaren voordat Philips werd opgericht in 1891 en zij de gloeilampen industrie overnamen. Anton Philips herinnerde zich nog een order van 2 x 50 lampen die in 1895 weer bij Willem Smit besteld werden. In het prille begin van Philips was Willem Smit dus hun huisleverancier voor gloeilampen.

Lees meer

De nettransformator en de energietransitie

De energie huishouding van een gemiddeld gezin: verleden - heden - toekomst


Bron: Pixabay (free of copyrights)

Een “gemiddeld” gezin is heden ten dage aangesloten op het aardgas om het huis te kunnen verwarmen en het warme water voor het douchen. De elektriciteit wordt gebruikt voor verlichting, tv en koken en de auto loopt op benzine. Je ziet: Een “gemiddeld” gezin heeft nu drie energiestromen tot zijn beschikking op elk moment van de dag en de opslag van de energie is geen probleem. (zie fig 1). In de nabije toekomst zal dat veranderen en zal er nog zeer waarschijnlijk maar één energiestroom zijn, namelijk de elektriciteit. De huisaansluiting zal dan standaard driefasig zijn. Indien het “gemiddelde” gezin zo overstapt door een warmtepomp te installeren voor verwarming en warm water en men de benzine auto inruilt voor een elektrische auto, dan zal dat grote consequenties hebben voor het elektriciteitsnet en voor de transformator in het bijzonder.

Energietransitie Het “gemiddelde” gezin zal het jaarverbruik zien toenemen van 3000 kWh naar 8300 kWh, dus bijna een verdrievoudiging (zie fig 2). Bij deze vereenvoudigde berekening is trouwens uitgegaan van 100% rendement ( dus geen energieverliezen ), geen verandering in levensstijl en geen extra isolatiemaatregelen aan de woning. Het piekverbruik zal daarentegen veel meer toenemen. In de winter leveren de zonnepanelen nagenoeg geen energie, de warmtepomp draait op vol vermogen en de accu van de auto moet dan ook nog opgeladen worden. In de zomervakantie, op een niet te hete dag, leveren de zonnepanelen veel energie, de meeste auto’s zijn in het buitenland en de warmtevraag is beperkt en de warmtepomp staat dan ook niet in de airco-stand. Er is dus geen piekverbruik, maar een pieklevering. Er is echter nog geen opslagmedium die het teveel aan elektrische energie opslaat voor een tijdstip dat de vraag hoog is, tenzij men daarvoor de accu van de auto’s (niet alleen van je eigen auto maar misschien ook die van de buren) wil gaan gebruiken.

 

Lees meer

Historische metingen bij Royal Smit Transformatoren

Inleiding.

In het artikel “Beproevingsprotocol Smit Transformatoren (3 april 1913)” wordt verteld dat Kees Spoorenberg een ordner vond met historische meet gegevens. Omdat hij een artikel aan het schrijven is over de verliezen van transformatoren was dit een zeer welkome vondst.

We beschikten nog niet eerder over de gebruikelijke waarden van het nullast- en kortsluitverlies van de allereerste transformatoren. Hier was nauwelijks iets over gepubliceerd, Smit Periodieke Mededelingen kwam pas voor het eerst uit in 1925. Brochures waren er in die tijd nog niet, die zouden dan ook in slechte aarde vallen. Het ging immers om een industrieel product dat door ingenieurs aangeschaft werd en niet om een consumentenartikel. Wel vermeldden oude leerboeken de verliezen uit het begin van de vijftiger jaren van de vorige eeuw maar gegevens uit de prille beginperiode ontbraken.

De gegevens uit de bewuste ordner hebben we geanalyseerd en worden besproken in het hoofdstuk “Analyse van historische meetgegevens”

Tevens hebben wij begin 2019 aan een transformator uit 1923 verliesmetingen kunnen verrichten en de gegevens gebruikt voor reverse engineering. Dit wordt besproken in het hoofdstuk “Metingen aan een transformator uit 1923 en reverse engineering“

Beide acties hebben een grote bijdrage geleverd aan onze kennis van het verleden.

Bij deze danken wij Jan Wiggelman van Smit Transformator Service voor de tijd die hij heeft gespendeerd aan het voorbereiden en uitvoeren van de metingen, het ter beschikking stellen van de meetinstrumenten en de inbreng van zijn kennis. 

1: Analyse van historische meetgegevens.

Uit de ordner hebben wij een kleine veertig beproevingsprotocollen geselecteerd op basis van de destijds meest voorkomende standaard types bij de openbare nutsbedrijven. Om te bepalen wat “standaard” was hebben wij ons laten leiden door “Geschiedenis van de Provinciale Geldersche Electriciteits-Maatschappij 1915-1940” Hoofdstuk VIII De Leidingnetten der Vennootschap, ervan uitgaande dat de situatie in Gelderland niet sterk afwijkende was van het landelijk gemiddelde. De gegevens uit de beproevingsprotocollen zijn in een spreadsheet geplaatst om nader geanalyseerd te kunnen worden.

Hieronder twee voorbeelden.

Lees meer

Biografie Prof. Dr. Ir. H.G. Nolen (1890 - 1986)

Prof. Ir. Dr. H. G. Nolen 1937Professor Henri George Nolen moet gezien worden als de stamvader van de transformatoren technologie in Nederland. In zijn tijd was hij de ultieme expert op transformatoren gebied en zeer belangrijk voor de ontwikkeling van  Smit Transformatoren. Hier volgt zijn biografie.

Henri George Nolen werd geboren 30-06-1890 te Rotterdam. Hij overleed op 08-04-1986 te Rheden. Zijn vader was Willem Nolen (1854-1939), een beroemde professor en pionier in de interne geneeskunde te Leiden. Zijn moeder was Daniëla Anna de Chaufepié (1856-1928).

Hij trouwde op 25 jarige leeftijd met de 3 jaar jongere Hubertha Gerarda van Walsem (1894-1976) te Katwijk op 13-03-1916. Zie de genlias database voor meer details. Zij kregen 4 kinderen (2 jongens en 2 meisjes). Ik kwam daar ook nog een zekere Willem Nolen tegen die getrouwd was met Catharina van Walsem op 21-03-1912. Blijkbaar waren de broers Nolen getrouwd met de zussen van Walsem. De vaders en moeders van de bruid- en bruidegom waren immers identiek bij beide trouwplechtigheden.

Foto rechtsboven: H. G. Nolen rond 1937.

5-5A Fotonr.10396 Beproeving door Prof Nolen

Mooie foto van de beproeving van een oude gramme dynamo van Willem Benjamin Smit uit 1883 bij de Technische Hogeschool in Delft . Datering 1939 (bron: archief Brush HMA). Links Professor Nolen. 

Lees meer

Biografie Ir. Thomas Rosskopf (1880-1953) + 2 filmfragmenten

Biografie van Ir. Thomas Rosskopf (1880 - 1953), feitelijk oprichter van Willem Smit & Co's Transformatoren N.V. en één van de pioniers van de elektrotechniek in Nederland. 

Thomas Rosskopf was een der pioniers van de Nederlandse Elektrotechnische Industrie. Hij werd op 26-04-1880 te Amsterdam geboren en doorliep daar de Lagere School en de H.B.S. met een vijfjarige cursus. Van 1898 tot 1902 studeerde hij aan de Polytechnische school te Delft, waar hij het diploma voor Werktuigkundig Ingenieur behaalde. In 1904 behaalde hij het diploma Elektrotechnisch Ingenieur in Karlsruhe.

Thomas Rosskopf

Thomas Rosskopf 

Studententijd van Thomas Rosskopf
Van 1898 tot 1902 studeerde hij aan de Polytechnische school te Delft. Deze school had in die tijd nog geen opleiding tot elektrotechnisch ingenieur. Thomas was voorzitter van het studentencorps. Hieronder een aantal unieke foto's uit de collectie van de familie Rosskopf.

Rosskopf in zijn studententijd (Polytechnische school Delft 1899)

Prachtige foto van Thomas Rosskopf, met pet en pijp, te midden van zijn studievrienden bij de Polytechnische school Delft in 1899, bron Familie Rosskopf.

Ontgroening Delft 1898 (ergens moet Thomas Rosskopf er op staan).

De ontgroening van de studenten aan de Polytechnische school te Delft. De Datering van deze foto is 1898 (stond achterop de foto's). Hierop moet dus ergens Thomas Rosskopf te zien zijn. 

 

Lees meer

Beproevingsprotocol Smit Transformatoren (3 april 1913)

Van Henk Fonk ontvingen wij begin 2010 een uniek beproevingsprotocol van Smit Transformatoren met de datum 3 april 1913, terwijl de productie in Nijmegen begon op 4 november van dat jaar. De officiële oprichting vond plaats op 02-05-1913. Een mogelijke verklaring is vonden wij destijds dat men de t.b.v. Nijmegen vooraf gemaakte standaard protocollen al in Slikkerveer gebruikte. Nadat Kees Spoorenberg begin 2019 een ordner had gevonden met zeer oude originele beproevingsprotocollen (waar onder ook deze) moeten wij deze eerdere verklaring in trekken.
Voortschrijdend inzicht leert ons dat de praktijk bij de beproeving na revisies of reparaties bleek te zijn dat men hiervan een protocol op groen papier opmaakte en dit samenvoegde met dat van de eerste beproeving op wit papier. Van de Slikkerveerse transformatoren bestonden geen "witte" protocollen maar de meetgegevens lagen wel vast. Kwam een Slikkerveerse transformator terug in Nijmegen dan werd er eerst een wit protocol vervaardigd (met de oorspronkelijke datum, dus geantidateerd) al vorens men het groene protocol op maakte. Dit witte protocol is dus waarschijnlijk opgemaakt op 22- 3 -1916 ten behoeve van een revisie of reparatie. Zie de opmerking " 22-3-16 herstellen" . Helaas hebben wij het groene protocol niet kunnen vinden. De transformator is in Slikkerveer geproduceerd in de maanden voor 3-4-1913.
Tot eind zeventiger jaren van de vorige eeuw werden de verliezen van dit soort transformatoren (bij anderen dan Smit) nog steeds met de zogenaamde Aron schakeling gemeten. De Aron-schakeling is een twee- wattmeter schakeling waarbij men doorgaans eerst twee wattmeters afleest en de deze vervolgens naar andere fazen omschakelt en nogmaals afleest waarbij de gemiddelde waarde van beide meting (verschil van de aanwijzing van de twee wattmeters) wordt beschouwd als zijnde het totale door de driefasen getransporteerde vermogen".

Draaistroom transformator doorsnede Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek 1915

Lees meer

130 jaar elektriciteit in Nederland (Kinderdijk 1886 - 2016)

Willem Benjamin Smit in 1888Op 19-04-2016 was het precies 130 jaar geleden dat de eerste openbare elektriciteitscentrale van Nederlands fabricaat van start ging ( de N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk). De oprichter was Willem Benjamin Smit. Nadat Willem enkele jaren daarvoor (1881) een verlichtingsinstallatie had gebouwd voor de fabriek van Diepeveen, Lels en Smit, wilde de directeur ook elektriciteit in zijn eigen huis. Dit wekte grote belangstelling bij andere fabrikanten, want zij wilden ook hun olielampen vervangen door elektrisch licht. In 1884 werd Willem gevraagd om onderzoek te doen naar de mogelijkheden van een elektrische centrale in Kinderdijk. 

Eerste Nederlandse wisselcentrale Kinderdijk 1886

De elektrische centrale Kinderdijk (1886). Bron: Brush Ridderkerk, Deze centrale bestaat niet meer. Ergens in de zestiger jaren van de vorige eeuw is het pand gesloopt.  

Zo ontstond het idee om een elektrische centrale te bouwen die niet alleen aan fabrieken, maar ook aan particulieren stroom zou kunnen leveren. De begroting kwam uit op HFL 26000,- en het kapitaal werd verstrekt door Jan Smit V die we later tegen komen. Hij verstrekte een lening tegen 3.5 % rente en de eerste elektriciteitscentrale in Nederland, de "N.V. Electrische Verlichting Kinderdijk" was een feit.

Naar de elektrische centrale van Thomas Edison
In 1884 ging Willem met een door hem zelf (elektrisch) verlicht schip van de Holland-Amerika lijn naar de Verenigde Staten (New York) om daar de eerste elektrische centrale van Thomas Edison ( The Edison Electric lluminating Company) te kunnen aanschouwen die al in 1882 "het licht" zag. De ervaringen die hij daar opdeed paste hij toe bij de centrale in Kinderdijk.

Lees meer

Eerste elektrische straatverlichting
In juli 1886 werd de eerste elektrische straatverlichting in Nederland een feit. Willem Benjamin Smit fabriceerde in zijn fabriek in Slikkerveer een aantal straatlantaarns, die voorzien waren van het toentertijd revolutionaire tuimelmechanisme, bedacht door Willem zelf.
Dit tuimelmechanisme was nodig om het vervangen van koolspitsen in de lampen te vergemakkelijken omdat deze dagelijks vervangen moesten worden.

Tuimellantaarn Keizer Karelplein Nijmegen 1900

Keizer Karelplein in Nijmegen (1900)met prominent in het midden de elektrische tuimellantaarn van Willem Smit.

De eerste elektrische tuimellantaarns werden in juli 1886 in Nijmegen geplaatst door Willem Smit. Later werden er ook nog andere typen elektrische straatlantaarns door Willem Smit geleverd, met afwijkende masten en zonder tuimelmechanisme, waarschijnlijk waren die een stuk goedkoper. Dit hield wel in dat er dagelijks een mannetje in de mast moest klimmen om de koolspitsen te vervangen, iets wat wij ons vandaag de dag niet meer voor kunnen stellen, want verlichting is voor iedereen een vanzelfsprekendheid geworden. Als je dan bedenkt dat elektrische verlichting slechts 125 jaar oud is.....

 

tuimellantaarn6 De echte tuimellantaarn van Smit zoals deze te zien was bij het Station in Nijmegen (1889)

Twee verschillende typen elektrische lantaarnpalen, oorspronkelijk in tuimelbare uitvoering. Het is onbekend of tijde van het maken van de foto het tuimelmechanisme reeds verwijderd of gemodificeerd was.

Filmfragment hoogwater in Nijmegen (Waalkade 1930) met enkele aangepaste tuimellantaarns
Hieronder het enige (zeer korte) filmfragment wat ik kon vinden waarop enkele tuimellantaarns te zien zijn. De film is uit 1930 en gaat over het hoogwater in Nijmegen (Waalkade), en daarop zijn enkele van de originele oude tuimellantaarns te zien, maar flink aangepast. De lantaarns hebben dezelfde mast als de foto hierboven (links). Alleen is de armatuur weer anders.

Industrieel erfgoed teruggevonden in het Kronenburgerpark
Onlangs deed ik een oproep of er iemand wist of er nog ergens in Nijmegen een originele tuimellantaarn van Willem Smit (1886) te vinden was. Ik kreeg een reactie van dhr. Toorop en hij stuurde mij een link waar enkele foto's stonden met daarop de bewuste tuimellantaarn. Deze was onmiskenbaar van het model uit 1886-1888 . Deze elektrische lantaarn is een uniek stukje industrieel erfgoed omdat het één van de allereerste elektrische straatlampen in Nederland is.

De huidige tuimellantaarn in het Goffertpark: de allereerste elektrische straatlamp in Nederland.
Erik de Vries maakte enkele foto's van deze lantaarn, waarvan de mast nog origineel is, maar de armatuur en het tuimelmechanisme in de loop van de jaren verwijderd/aangepast zijn.

Rudo Hermsen

Hieronder de foto's.

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888) Gedeelte van de tekening van de tuimellantaarn, gemaak door Willem Smit

Onmiskenbaar hetzelfde model als op de tekening uit 1885.

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888) 

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888) Station Nijmegen rond 1900

Links de tuimellantaarn uit het Kronenburgerpark en rechts dezelfde uit 1900 bij het Station in Nijmegen. Alleen de armatuur is in de loop van de tijd aangepast.

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888)

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888) Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888)

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888)

 

Tuimellantaarn Kronenburgerpark juli 2011 (datering 1886-1888)

 Foto's  tuimellantaarn in Kronenburgerpark gemaakt door Erik de Vries.

Reacties mogelijk gemaakt door CComment

Historische nieuwsflits

Platenmakerij Smit Transformatoren (1926)

Platenmakerij TF 1926

Platenmakerij TF 1926. (Bron: Archief Smit Draad )

Schrijf reactie (0 Reacties)

Firma Frederiks uit Nijmegen (Waalkade 70) vervoert een transformator van Smit m.b.v. paardentractie (1913-1914)

Een werkelijk prachtige foto van een paardentractie door de firma Frederiks, toen nog gevestigd aan de Waalkade 70 in Nijmegen. Zij vervoeren een zeer speciaal type transformator fabricaat Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek N.V. Dit is ook duidelijk te zien aan de buiten liggende trekstangen waarmee de bakbodem met het deksel verbonden is. Een dergelijke constructie is ook goed te zien op de foto's van de Ramp van 1953.

Firma Frederiks vervoert een Smit Trafo m.b.v. paardentractie (1913-1915)

Firma Frederiks uit Nijmegen (Waalkade 70) vervoert een Smit Trafo m.b.v. paardentractie (1913-1914). Volgens Bart Dijkstra is de man geheel links zijn opa, Jo Dijkstra. Hij nam later vervoersbedrijf Frederiks over. (Bron: Gedenkboek PGEM)

Ik heb nog nooit een dergelijke transformator uit die periode gezien. Het lijkt mij geen zuiltransformator want daar is hij veel te groot voor. Waarschijnlijk is het een zgn. Petersonspoel met veel uitgevoerde aftakkingen. Dit soort spoelen werden ( en worden nog steeds) gebruikt om het sterpunt van een net effectief (dwz. niet star) te aarden. Smit Periodieke Mededelingen begint pas in mei 1925 dus is hiervoor geen informatiebron. Het apparaat is voor die tijd bijzonder groot, de doorvoeringen doen denken aan 10 kV.

Wellicht weet iemand meer te vertellen over het transport en dit type transformator.

Erik de Vries

Schrijf reactie (0 Reacties)

Bedrijfsfilm videobox

Cloud tag

Laatste artikelen

Laatste reacties

      LEES MEER

Wie is online

We hebben 222 gasten en geen leden online

Statistieken

Aantal bekeken pagina's
5184412
DMC Firewall is developed by Dean Marshall Consultancy Ltd