Smit Draad
Draadwals (1926)
Het vervoer van transformatoren d.m.v. paardentractie (Smit Transformatoren 1913-1915)
Dit duurde weken...
Smit Transformatoren
Spoelenmontage 1921
Smit Transformatoren (1916)
4000 kVA transformator
Smit Slikkerveer
Wereldtentoonstelling Brussel 1910
Smit Elektroden
Laselektroden afdeling 1935
Smit Draad
Vrouw aan de omspinmachine (1926)
Smit Gas Generatoren
1965-1969
Willem Benjamin Smit (1860-1950)
Elektriciteitspionier en grondlegger van de Smit bedrijven in Nederland
Transformatoren
Smit Slikkerveer 1912
Smit Ovens
Vervoer van een grote oven per slede (Groenestraat Nijmegen 1936)
Smit Slikkerveer
Generator 1500 kW (1913)
Thomas Rosskopf (1880-1953)
De oprichter van Smit Transformatoren, Draad, Weld en Ovens
Smit Draad (1921-1927)
Kijkje in de Draadfabriek
Smit Transformatoren
Montage in de bak van een 4000 kVA transformator (Amsterdam 1916)
Smit Slikkerveer
Elektrische centrale Tandjong Priok (1895)
Thomas Rosskopf
Excursieleider KIVI bij Smit Slikkerveer (1911)
Hoogte Kadijk
Transformatoren (1936)
Professor Nolen (1938)
Beproeving oude gramme dynamo bij TU Delft

Laatste updates

Jeff Wessels - oud medewerker Smit Regeltechniek (1960-1970)

Begin 2020 ontving ik een brief met 50 foto's van Patrick Wessels, maar heb hem nu pas kunnen publiceren. Zijn vader Jeff Wessels (overleden 2018) is begonnen bij Smit Transformatoren op de tekenkamer en ging later naar de afdeling Regeltechniek. De foto's laten een mooi tijdsbeeld zien van Smit Transformatoren/Smit Regeltechniek tussen 1960 en 1970. Smit Regeltechniek is na de HOLEC overname eind jaren zestig naar Hengelo gegaan (Hazemeyer/Heemaf).

28-12-2019

Mijn vader Jeff Wessels, werkzaam geweest bij Smit Nijmegen/Hazemeyer/Holec, is in september 2018 overleden. Bij het opruimen van zijn spullen vonden mijn moeder en ik nog een envelop met zo'n 50 foto's uit de tijd bij Smit Nijmegen.

Mijn vader staat trouwens nog op de groepsfoto van de reünie Smit Regeltechniek uit 2002 op jullie site. Bijgaand de foto's van mijn vader uit de Willem Smit tijd. 
Mijn vader is volgens mijn moeder rond 1960 op de tekenkamer bij W. Smit begonnen. Door J. Lisser is hij toen naar de afdeling Regeltechniek gehaald. Hij werkte nauw samen met Lisser in het opzetten van deze afdeling (bedrijfsleider).

Aangezien hij goed Engels sprak werd hij al gauw betrokken bij de contacten die buiten Nederland werden aangegaan. Er zit een foto bij waarop mijn vader staat met Charles Scott van Westinghause Ltd. bij Crawley (bij Londen). De naambordjes zijn op de foto te lezen. Charles Scott en zijn vrouw Jessie werden vrienden voor het leven van mijn ouders. Voor mijn vader was dit de start van een loopbaan met veel buitenlandse contacten in Engeland, Duitsland en de Benelux.

De door dhr. R. Wetzels op jullie website beschreven geschiedenis van de afdeling komt zeer overeen met de loopbaan van mijn vader. Ook de lijst met namen van personeelsleden was voor mijn moeder één en al herkenning.
Na de zoveelste reorganisatie en verhuizing van de afdeling bij Holec in Hengelo nam mijn vader in 1985 de beslissing om over te stappen naar een baan bij de Britse firma Marconi uit Lincoln (UK). Hij ging van deze firma de vertegenwoordiging in de Benelux en Duitsland doen. Eerst gewoon vanaf huis in Hengelo, later met kantoor aan huis in Den Dungen bij 's-Hertogenbosch. Maandelijks waren reisjes naar het hoofdkantoor in Lincoln (met boot en auto). Marconi ging later over in het GEC concern in Engeland. Tot zijn pensionering is hij voor GEC blijven werken.

Mijn vader was een echte Nijmegenaar die publicaties/boeken over de stad nauwgezet bleef volgen en tot zijn dood was hij lid van de vereniging NUMAGA (Historische Vereniging Nijmegen). Mijn moeder Trix Wessels-Croonen woont nog steeds in Den Bosch.

Met vriendelijke groet,
Patrick Wessels

 

Lees meer

Shunt spoelen – verleden, heden en toekomst

Hoe houd ik spanning uit het stopcontact stabiel? Als hij te hoog is branden de lampen door of worden de zonnepanelen afgeschakeld. Als hij te laag is loopt het motortje van de ventilator niet aan en kan zelfs doorbranden. Er is dus een bovengrens en een ondergrens van de spanning.

Dat is niet alleen thuis bij het stopcontact, maar ook elders in het elektriciteitsnet. De spanning moet stabiel zijn onder allerlei omstandigheden, wel of geen zon op de zonnepanelen, wel of geen wind bij de windmolen, wel of geen koude winterdag. Een oplossing is het gebruik van shuntspoelen. Deze oplossing was al bekend en werd “vroeger” af en toe toegepast.

De energietransitie maakt een veelvuldige toepassing echter noodzakelijk. Het ontwerp, de constructie, de fabricage en de beproeving van een shuntspoel vereisen dezelfde vaardigheden als bij een transformator. Smit Transformatoren is zich intensiever op dit marktsegment gaan richten. Er is nu een redelijke omzet van shuntspoelen, alhoewel in omvang wel geringer dan van transformatoren.  De elektriciteitsbedrijven doen daarmee een aanzienlijke investering voor een betrouwbaar en stabiel elektriciteitsnet. 

Waarom zijn er eigenlijk shuntspoelen? 

De waarde van de spanning in het hoogspanningsnet moet dus binnen zekere grenzen blijven. Niet te laag en niet te hoog. Vroeger was de spanning te regelen door de bekrachtiging van de generator in de elektriciteitscentrale te variëren. Dat was gemakkelijk, want die centrales waren ook nog eens netjes verspreid over het land.

De spanning aan het begin van een lange lijn kan heel anders zijn dan aan het einde en kan dus buiten zijn toegestane grenzen komen. Een laag energietransport resulteert in een hogere spanning aan het eind van de lijn,  ook wel “Ferranti effect” genoemd. Dit is voor het eerst vastgesteld in 1887 ( zie ook Wikipedia ).  Je kunt deze hoge spanning verlagen door een spoel aan te sluiten aan het eind van de hoogspanningslijn.  Zo’n spoel noemt men een shuntspoel of ook wel laadstroom compensatiespoel.   Shuntspoelen bestaan al heel lang, maar men had er niet zo veel behoefte aan. 

De veranderingen in het elektriciteitsnet, zoals vermogenstransporten over grote afstanden en de energietransitie met windparken op zee, maken de inzet van shuntspoelen noodzakelijk.  De netspanning blijft dan overal binnen de toegestane grenzen.

Je gebruikt een shuntspoel wel heel anders dan een transformator. Je schakelt de shuntspoel in als de belasting van het net laag is en dus de spanning aan het einde van de lijn hoog is, bijvoorbeeld ‘s nachts.  De shuntspoel werkt dus als een belasting die kan worden ingeschakeld als er weinig vraag naar energie is. De belasting wordt overdag weer hoog en dan schakel je de shuntspoel weer uit. De shuntspoel wordt dus veel in- en uitgeschakeld en krijgt dus daarom veel schakeloverspanningen te verduren. De spoel wordt ook afwisselend warm en koud. Dit intervalbedrijf is veel zwaarder dan het “rustige” continubedrijf van de transformator.

Lees meer

Smit maakt ( bijna ) alles – bijzondere spoelen

De jaren vijftig en zestig, dat was de tijd van onderzoek naar de toepassing van kernenergie. Het splijten van zware atoomkernen wordt toegepast in de huidige kerncentrales. Het fuseren van waterstof kernen wil men toepassen voor toekomstige kernfusie centrales. Dit onderzoek vindt plaats bij diverse wetenschappelijke instituten en universiteiten in Nederland. Je hebt wel sterke magnetische velden nodig bij kernfysisch onderzoek. Het verloop van het magnetische veld moest wel aan allerlei eisen voldoen. Dat was afhankelijk van het soort onderzoek dat men deed. Als je wist hoe het verloop moest zijn, ging je van daaruit de vorm van de spoel(en) bepalen. Je hebt vaak wel een combinatie van spoelen nodig om het juiste magnetische veld te maken. Als je de vorm van de spoelen wist, ging je een fabrikant zoeken die spoel(en)  kan maken.

De wetenschapper ontwerpt de spoelvorm, maar is die ook maakbaar?. Het is logisch dat men bij Smit Transformatoren uitkwam met de vraag:  “Kunnen jullie een spoel voor ons wikkelen met zo’n vorm en die eigenschappen”. Smit kon dat natuurlijk, want voor een technische uitdaging werd niet weggelopen.

Het maken van een wikkeling vereist het nodige vakmanschap van de wikkelaar. Het zetten van de uitlopers, het “vasthouden” van de eerste winding(en), het maken van laag- dan wel schijfovergangen, etc.  De kwetsbare elektrische isolatie van de geleider mag daarbij niet beschadigen. De wikkelbank dient ook zonder schokken aan te lopen en te remmen, want anders komen de windingen los te zitten. Dit alles is bij Smit al aanwezig voor het maken van wikkelingen voor transformatoren. 

Opm : De begrippen “wikkeling” en “spoel” worden vaak gewoon door elkaar gebruikt. Bij een wikkeling denken we aan een deel een apparaat, zoals een transformator. Bij een spoel denken we aan een losse component, die je gewoon als onderdeel kunt kopen. 

In onderstaande foto’s geven een goed beeld te zien van de variatie in spoelvormen die gewikkeld werden. Informatie van de opdrachtgever(s) en de toepassing van de spoel is zoveel mogelijk vermeld. Soms resteert helaas alleen de foto. Mochten sommige lezers nog informatie hebben, laat het dan even weten. Dan zetten we de tekst erbij.

Dit verhaal geeft al snel een opsomming in een chronologische volgorde. Het ontwerp en constructie van deze spoelen lag vaak op de grens van wat op dat moment mogelijk was. Dat alles was voor Smit natuurlijk een uitdaging. Dit verhaal laat dan ook een beeld zien van de technische kwaliteiten van de medewerkers van Smit, van ontwerpers en constructeurs tot wikkelaars en monteurs. 

Betatron voor afdeling Technische Physica van de TU Delft geleverd in 1950/51 

Dit project omvat een watergekoelde spoel voor de betatron met daarbij een magnetische sluitjuk.      

    

Lees meer

Uniek onderzoek aan kortsluitvastheid van transformatoren door Boersma en Wildeboer

Als er een kortsluiting is in het elektriciteitsnet gaat er een grote stroom lopen, de kortsluitstroom.  Deze stroom gaat dan ook door de transformator en die dient daar tegen te kunnen.  Deze grote stroom resulteert namelijk in grote Lorentz krachten in de wikkelingen.

  • De HS ( hoogspannings) wikkeling ondervindt een radiale kracht naar buiten toe en wil dus een grotere diameter krijgen. Die drukkracht is goed te beheersen, denk maar aan een plastic fles waarin je lucht blaast. Blijft mooi heel en rond.
  • De LS ( laagspannings) wikkeling ondervindt een radiale kracht naar binnen toe en wil dus een kleinere diameter krijgen. Die vacuümkracht is moeilijk te beheersen, denk maar als je de lucht uit een plastic flesje zuigt.  De fles gaat plotseling ergens veel vervormen en dat noemt men knikken ( zie fig 2  maar kijk ook eens op youtube – buckling of plastic bottle ). Het vereist uitvoerige proeven ( zie fig 1 ) om ontwerp criteria te bepalen voor de radiale kortsluitvastheid van LS-wikkelingen. 
Fig 1   De kop van het artikel. Gepubliceerd in 1962 op een internationaal congres van Cigre  Fig 2  Knikvormen van de LS wikkeling. Het zeesterren tussen alle spiëen en de willekeurige knikvorm met een spie als “draaipunt”.

Fig. 3   Zo ziet knikken er ook uit als de rails te heet wordt en dan uitzet. Als de rails niet kan uitzetten dan ontstaat in het staal een grote drukspanning. Als de druk te hoog wordt, knikt de rails.
( zoek voor “leuke” foto’s op internet naar : knikken van spoorrails)  --->

Het kortsluitapparaat – een revolutionair idee van R. Boersma en J. Wildeboer           

J. WildeboerBoersma en J. Wildeboer (zie foto) bedachten een apparaat dat hetzelfde magnetische veld maakt in de wikkelingen als bij de kortsluitstroom. Je krijgt dan dezelfde kortsluitkrachten, maar in dit apparaat hebt je maar een klein stukje hoogte van de wikkelingen nodig.

Het werkt als volgt : Je wikkelt twee dubbelspoelen met een totale hoogte van 90 mm en een gemiddelde diameter van 770 mm. Dat vormt de LS-wikkeling. De HS-wikkeling maak je ook zo maar dan met iets sterkere geleider en met een gemiddelde diameter van 890 mm. Je hebt zo een “schijfje” uit de wikkelingen, maar veel goedkoper en ook veel gemakkelijker te beproeven. Deze wikkelingen zitten opgesloten in een “kern” waarbij hetzelfde magnetische veld ontstaat als in de transformator. ( zie fig 4 en fig 9 ).

Deze “kern” bestaat uit een onder- en bovenjuk ( zie fig 5 ). De LS wikkeling is gepositioneerd op het onderjuk. Het zit om een kern van kernblik met een houten opvulring. ( zie fig 6 ) Zo simuleer je de kern van de transformator en de afsteuning van de LS wikkeling op de kern via kernspieën. De HS wikkeling zit gemonteerd tegen het bovenjuk en aan de buitenzijde van de HS wikkeling zit een cilinder van kernblik. Zo kan het magnetische veld zich goed sluiten ( zie fig 9 ).

Lees meer

Kortsluitstroom begrenzende smoorspoelen

Als ik thuis een kortsluiting maak, dan gaat er een grote stroom lopen. Als die stroom niet afgeschakeld wordt, dan kan er plaatselijk veel hitte ontstaan en ontstaat er vaak een brand.
Je kunt de stroom afschakelen met een zekering. Dat heette vroeger een stop en dan sloegen dus de stoppen door. Als een stop doorgeslagen was, moest je er een nieuwe indraaien. Je had dan ook altijd reserves in huis. Tegenwoordig is dit vervangen door een schakelkast. Veel veiliger en handiger, want je hoeft geen reserve onderdelen meer in huis te hebben.

In het elektriciteitsnet gebeurt nu hetzelfde, alleen kunnen de kortsluitstromen zo groot zijn dat onderdelen in het net beschadigd zijn alvorens de stroom is afgeschakeld. In de steden waren vroeger de generatoren van de elektriciteitscentrales direct gekoppeld aan het 10 kV net. Zo’n sterke voeding zorgde voor hoge kortsluitstromen. Tegenwoordig zit er een machine-transformator met een grote impedantie tussen de generator en het elektriciteitsnet. Die transformeert dan van de generatorspanning van ca 20 kV naar het hoogspanningsnet met 150 kV dan wel 400 kV, wat leidt tot een veel kleinere kortsluitstroom in het net.

Het was dus zaak om deze kortsluitstroom te beperken door een impedantie in het circuit op te nemen in de vorm van een smoorspoel. In de zeventiger jaren, met de komst van de warmtekrachtkoppelingen, werden er meerdere kleine generatoren tegelijk aangesloten op het 10 kV net. Daardoor was er kleine opleving in de marktvraag voor seriesmoorspoelen.

  

Fig 1  Uit de krant van NRC (1933) bij het opleveren van een schakelhuis in Tilburg.  Fig 2 Reclamefolder-Smit Transformatoren 1929 (klik op de foto of artikel om te vergroten).

Deze smoorspoelen moeten dan natuurlijk zelf niet bezwijken bij een kortsluitstroom.  De spoel kan op dit aspect gekeurd worden bij de Kema in Arnhem, door middel van een kortsluitproef. Door de kortsluitstroom ontstaat er zeer groot magnetisch veld, wat leidt tot grote Lorentzkrachten op de draden in de spoel. De spoel moet daarom in zijn geheel een stabiele mechanische constructie zijn 

De beton smoorspoel. 

Lees meer

Zendstation Huizen, de PHOHI zender (1928)

In 1928 werd de zogenaamde PHOHI ultra kortegolf zender gebouwd t.b.v. de draadloze verbinding naar het verre Nederlands Indië. De eerste eerste geluiden die men in Bandung (Nederlands Indië) via deze korte golf zender hoorde, was muziek uit Nederland. Zoals te lezen is in onderstaande artikelen uit 1927/1928 was het een knap staaltje samenwerking tussen toonaangevende Nederlandse bedrijven uit die tijd. "De Nederlandsche Seintoestellen fabriek (NSF)" bouwde de de zend-inrichting, Philips leverde de watergekoelde zendlampen, Heemaf de schakel-installatie, Smit Slikkerveer de omvormers en Smit Transformatoren natuurlijk de transformatoren. Op deze manier hebben de Smit bedrijven ook hun steentje bijgedragen aan de ontwikkeling van de radio-uitzendingen en de huidige Hilversumse zenders. Een mooi artikel over de Phohi zender (2-talig) vond ik in een koloniaal boekwerk uit 1927.

 

Filmfragment bezoek aan de Phohi kortegolf-zender (1933)

Lees meer

De Goudsche Lichtfabriek - mobiel hijswerktuig met paardentractie voor vervoer en plaatsen van transformatoren (1914)

In 1914 levert Smit Transformatoren een aantal transformatoren voor de in aanbouw zijnde elektriciteitscentrale van Gouda. Vrachtauto's zijn er nog niet dus is het paard het aangewezen vervoer voor de transformatoren.  Het transport naar de centrale duurt maanden en is zeer intensief. Iedereen probeert mee te denken om de transport mogelijkheden te verbeteren, maar ook het plaatsen en hijsen van de transformator is een probleem. G.E.B. Gouda laat een hefwerktuig ontwerpen door "de Goudsche machinefabriek v/h. Arends".  Dit hefwerktuig staat op een kar en deze kan worden voortgetrokken door een paard. Voor HFL 600,-- werd deze uitvinding in 1914 aangeboden aan directeur Thomas Rosskopf van Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek. Tijdens van de uitbreidingen bij de Goudsche Lichtfabriek werd dit mobiele hijswerktuig gebruikt voor de transformatoren van Smit en andere zware materialen/machines. 

Thomas Rosskopf (1903/1904)Een uitvinding op transportgebied  van het G.E.B. Gouda (1914). Het lijkt alsof het paard slechts 1 achterpoot heeft, maar als je inzoomt op de achterste poten zie je toch echt twee poten met 2 hoeven. Het karretje heeft overigens drie wielen. Dat maakt het geheel tot een vreemde maar unieke foto compositie.  Bron: glasnegatief Stichting Willem Smit Historie Nijmegen. 

De brief gericht aan elektriciteitspionierThomas Rosskopf . Bron: boekje Smit Transformatoren 1913-1948

Paardentractie 1914

Paardentractie in 1914. Op deze manier werden de transformatoren in die tijd vervoerd. 

Korte geschiedenis van de Goudsche Lichtfabriek.
Het begon allemaal met de gasfabriek die in 1853 werd opgericht door de firma Westerman & Robbé. In 1887 nam de gemeente de gasfabriek over en in 1910 werd besloten een elektriciteitscentrale te bouwen direct naast de gasfabriek op het terrein van het voormalige leprooshuis aan de Hoge Gouwe 189 in Gouda.

Lees meer

Elektrische ovens voor de Koninklijke Sphinx fabriek (1937-1950)

Dhr. Jenniskens stuurde mij enkele oude foto's van de Koninklijke Sphinx fabriek in Maastricht van net voor en na de Tweede Wereldoorlog. Zijn oom had daar nog gewerkt. Mooi in beeld zien we de mannen en vrouwen van de servies productie. De ovens die we in beeld zien zijn 100% fabricaat Smit Ovens.

Koninklijke Sphinx, voorheen Petrus Regout & Co,  was een Nederlandse onderneming die door Petrus Regout in 1834 in Maastricht werd opgericht. Sphinx was een van de eerste grootschalig gemechaniseerde fabrieken in Nederland. Het bedrijf was aanvankelijk bekend als producent van glaswerk, serviesgoed en ander huishoudelijk aardewerk. Later  voornamelijk van tegels en sanitair, zoals wastafels en toiletpotten. De fabriek hield op te bestaan in 2009. Bron: Wikipedia.

Hieronder zien we nog de vierkante ovens van Smit die men gebruikte voor de productie van serviesgoed. Later werden deze pottenbakkers (kamer)ovens vervangen door tunnelovens (ook van Smit) die uitermate geschikt waren voor massa productie.


Sphinx fabriek Maastricht (1937-1950)

Smit Ovens maakte begin jaren zestig de volgende elektrische ovens (en varianten) voor de fabricage van aardewerk, glas, serviesgoed en sanitair. 

  • De schacht oven: een kleine oven voor het vervaardigen van keramische producten. (scharnier aan de bovenkant)
  • De kamer oven: een wat grotere oven speciaal voor de professionele pottenbakker met een deur aan de voorkant.
  • De klok oven: weer een groter model oven, bestaande uit een of meer voetstukken waarop lading gestapeld kon worden. 
  • De tunnel oven: speciaal voor massafabricage, tunnelovens van soms wel 60 meter lang, waarop wagentjes met lading getransporteerd werden door de tunnel. Aan het einde van de tunnel waren de producten klaar en werden ze eraf gehaald. De lege wagentjes gingen via een retour baan weer terug naar de ingang van de tunnel.

Onderstaande reclamefolder laat zien dat Smit Ovens naast de keramiek ovens nog vele andere soorten elektrische ovens produceerde voor de industrie en laboratoria. Zo was men ook enige tijd marktleider in tunnelovens voor productie van beeldbuizen voor televisies.

Smit Ovens reclame (1955 - 1960)
Advertentie van Smit Ovens 1955/1960, bron: Stichting Willem Smit Historie 

Hieronder de oudste foto van een test opstelling van een tunneloven (1936-1938) waarbij het glas of aardewerk door een soort mechanisch aangedreven lopende band gaat en in de oven verhit wordt en aan de achterkant er weer kant en klaar uit komt. Een moderner type zoals de foto van de tunneloven uit 1960 is waarschijnlijk bij Sphinx gebruikt vanaf eind vijftiger jaren van de vorige eeuw. 

smitovens_1

E0912
Een nieuwer model tunneloven (1960) Bron: Stichting Willem Smit Historie

Lees meer

In 1939 schreef las pionier ir. W. Gerritsen een cursusboek "Leer Laschen". Dit werd een bestseller voor alle technische opleidingen tot lasser. Onlangs kwam dit boek weer boven water tijdens het sorteren van de boeken van het archief van Smit Las dat onze Stichting in bezit heeft. Gerritsen was de man die door Rosskopf werd aangetrokken om het elektrisch lassen te promoten. De eerste las cursussen in Nederland werden allemaal gegeven door Gerritsen. In het boek staan mooie plaatjes van de begintijd van de elektrische lasapparaten. Hieronder een unieke foto uit dat boek met informatie over de bekende Smit laskar op wielen die toen in elke fabriek in Nederland werd gebruikt. 

Leer lassen (1939-1944). Gerritsen, bron: Stichting Willem Smit Historie Nijmegen

Een lasser bij Electromotorenfabriek Dordt (EMF Dordt) gebruikt een LT9 of LT10 lasapparaat van Smit met resistens elektroden. (1938-1950). Bron: HHG.

Hieronder een offerte van een identieke, LT9 lasapparaat, zoals deze in 1949 werd verstuurd naar de Ambachtsschool in Oss.

alt
Offerte Lastrafo LT9/ LT10 uit 1949

alt alt

Links: verkoopbrochure L48, rechts Stortingsbewijs uit 1949.  bron: Gerrit Daanen.

 

 alt
Links, de LT9 en rechts een technische tekening doorsnee Lastrafo LT9 / LT 10, bron: 
Stichting Willem Smit Historie Nijmegen.

Reacties mogelijk gemaakt door CComment

Historische nieuwsflits

Ondergrondse transformator ruimte staatsmijn Emma (1960)

Onderstaande foto van een ondergrondse traforuimte bij Staatsmijn Emma , kwam ik tegen op de mooie website van de Staatsmijnen (http://www.demijnen.nl/). Volgens de boeken werden er in die tijd geregeld trafo's geleverd aan de Staatsmijnen (waaronder Staatsmijn Emma), al is op de foto moeilijk te zien welke trafo van Smit is, maar het lijkt me stug dat er niet eentje van Smit tussen staat.

Ondergrondse traforuimte bij Staatsmijn Emma 06-05-1960

Een typisch industrieel MS / LS station.

Op de voorgrond links twee transformatoren met daar achter de MS schakelaars.Op de voorgrond rechts twee wat kleinere transformatoren met daar achter de LS schakel- en verdeelinstallatie. Onder alle transformatoren is een  met grind volgestorte olie opvang voorziening. Ook onder de MS schakelaars bevindt zich een dergelijke voorziening, deze waren toen ter tijd van het olie gevulde type. Het gehele station is gebouwd in gesloten uitvoering, dwz. er zijn geen " blanke" geleiders. Voor industrieële toepassing niet ongebruikelijk, men had hier vaak met stof, druip-  en spatwater te doen.

Bij de meeste transformatoren zien we open lucht doorvoeringen op het deksel die met een blanke draad of koperstrip werden aan gesloten. Deze transformatoren zijn met kabel aangesloten, zoals in bijv. Engeland erg gebruikelijk was onder de naam cable box with disconnecting chamber. Hierbij eindigt de kabel in een olie of massa gevulde kabel eindsluit kast die met doorvoeringen is aan gesloten op een olie gevulde tussenkast. De doorvoeringen van de transformator komen ook uit op deze tussenkast ( chamber). Tussen de kabel zijdige doorvoeringen en de trafo zijdige doorvoeringen bevinden zich verbindings strips die voor het testen (jargon : "persen") van de kabel tijdelijk verwijderd kunnen worden (disconnecting).

Groet,

Erik de Vries.


Bron: De Mijnen.nl

Schrijf reactie (1 Reacties)

Smit Transformatoren gezien vanaf het spoor (augustus 1920)

Deze prachtige foto komt uit een foto-album van de familie Smits uit Nijmegen die in die tijd een aannemersbedrijf hadden en veel verbouwingen bij o.a. Smit Transformatoren hebben uitgevoerd. Grappig te zien is dat het spoor in 1920 nog enkelspoor is en nog niet geëlektrificeerd. Het bovengrondse LS-net gaat met een kabel onder het spoor door. Er zijn kennelijk wel plannen met het spoor want er liggen bielzen naast de rails. Geheel links zien we weer de montagehal in aanbouw.

(klik op de foto om deze te vergroten in pdf-formaat).

Willem Smit & Co's Transformatorenfabriek (augustus 1920)

Bron: Stichting Willem Smit Historie Nijmegen (erven fam. Smits).

Schrijf reactie (0 Reacties)

Bedrijfsfilm videobox

Cloud tag

Laatste artikelen

Laatste reacties

      LEES MEER

Wie is online

We hebben 683 gasten en geen leden online

Statistieken

Aantal bekeken pagina's
9148149
DMC Firewall is a Joomla Security extension!